We zijn in Schotland: 11) Return to Oban

Ik hou van kamperen. heerlijk om naast de tent te ontbijten. Koffie, oatcakes en kaas, wat wil een mens nog meer?

Zo 13 augustus Dunoon, Cowal peninsula
Het zou mooi weer worden vandaag, ik word wakker van de regen op de tent. 7:30 sta ik op, om in het kantoortje een verslag voor Facebook te schrijven. Uploaden lukt me later nog wel. Een heerlijk zonnetje komt erdoor, ik kan naast de tent koffie maken en ontbijten met oatcakes. Het leven is goed! Droog en met een waterig zonnetje jaag ik Ad zijn bed uit en pak ik de tent in. In de regen rijden we richting Oban. In Inveraray stoppen we voor koffie. Als ik nog ff naar buiten ga om iets uit de motor te halen komt de regen echt met bakken vol uit de lucht gestort. Fijn dat ik alles apart in plastic zakken verpakt heb.
Eindelijk wordt het definitief droog. Het is heerlijk motorrijden. De weg is goed, het uitzicht magnifiek. Heel veel andere motorrijders, eerst vooral bij de tegenliggers. Wat later lijkt het of er een helikopter achter me rijdt. Jawel, twee zware jongens en al snel zoeven ze me voorbij. Motor voorbij motor is niet zo lastig, geen scherpe bocht houdt ze tegen.
Onder een stralende zon rijden we Oban binnen, diverse locaties met bordje
‘Vacancies’ negerend. Ook Ad wil naar een plek met een mooi uitzicht. Oban Caravan & Camping Park heeft dat plenty. We rijden er linea recta heen, voor minimaal 2 nachten.
Terug in Oban shoppen we bij Tesco. Onze favoriete co-op is er niet meer. Doel is om vast “wat te gaan proeven” bij een local Seafood kraam. Het wordt uiteindelijk een complete maaltijd. Garnalen sandwich, scallops & garlic butter, steamed mussels en hot smoked salmon, een feest! Bij de tent heb ik geen zin meer in koken.

We zijn in Schotland: 9) the Cowal Peninsula

Catrine ligt echt in Schotland, in Ayrshire. Op de kaart zien we dat een oude favoriet van ons, Oban binnen bereik komt! Een van mijn andere wensen is om een stukje Schotland te vinden waar we nog niet geweest zijn. Het ingewikkelde gebied van de eilanden en schiereilanden van Argyl & Bute heeft nog veel geheimen. Er zijn weinig wegen en niet te veel ferry’s. The Cowal Peninsula, daar zijn we nog nooit geweest. Goede reden om daar te gaan voor kamperen en sightseeing.

Door de regen rijden we langs de kust. Motregen, echt nat worden we niet. Droger ook niet. Vlak voor Largs zwoescht er weer zo’n inhaaletter met aanhanger langs me, om daarna erg langzaam te gaan rijden. Wel een hele km rijdt hij zo voor me om dan in Largs linksaf te slaan. Onredelijk ongeduldig tiep dus. Waarbij wij voor de bebouwde kom iets te hard rijden, zeker niet te zacht.
Via de ferry McInroys Point – Hunters Quay komen we op het schiereiland, daar willen we een camping. Op Internet staan er zat. Toch een mooie uitvinding die smartphone, gewoon een pc met Internet in je broekzak. De eerste camping is vnl. zompig nat gras onder verschrikkelijk donkere naaldbomen. Er loopt geen levende ziel. Na enige tijd zien we leven, er loopt één persoon. Een saaie camping met leegstaande onbewoond aandoende caravans. Geen winkel, geen pub, geen restaurant? De volgende, The Cots House Caravan Park, ziet er beter uit op mijn smartphone. En belooft een café en winkel. Daar gaan we heen.

Tja, het is nooit zo mooi als op een foto, dat is heel duidelijk. Het trekkersveld is een rondje gras rond een groot lelijk grintveld. Aan het eind is een stuk gras onder de bomen maar in de huidige regen erg zompig. Ik kies een droog en vlak stuk en we blijven. Het heeft wel wat. Café bij de buren, en een benzinepomp met winkeltje dat voor een benzinepomp winkel goed gesorteerd is. Oatcakes kan ik eerst niet vinden en ik vraag ernaar;
(met vet schots accent)

“We sell them, above left shelve. Ye ken not not sell oatcakes!”
“Thats what I thought!”

Er staat ook een Costa koffiemachine. Werkt niet op muntjes, je maakt koffie en betaalt bij de kassa. Handig want ze gaan om 7:00 ’s morgens open…. De basics zijn voorzien.

We zijn in Schotland: 8) The Famous Grouse

Onderweg in Schotland.

‘The Famous Grouse’
Ik reed achter Ad aan naar de terminal bij Colintraive. Het eiland Bute was ons doel. Ad remde ergens onverwacht. Op het moment dat ik opkeek sprong hij uit de heg, gevolgd door mevrouw Grouse.

*)Jaren geleden waren we bij een grote whisky distilleerderij, Dewars. We deden de tour en wat heel erg opviel was dat de gids elke 1 a 2 zinnen nog eens vertelde dat zij Dewars, de beste en grootse en de oudste whisky stokers en verkopers waren. Prima zoveel zelfvertrouwen maar op den duur gaat het vervelen. Never mind ik liep netjes en geïnteresseerd achter onze gids aan.
In een kantine ruimte keek ik naar buiten. Daar liep een vogel waarvan ik dacht dat het een Grouse was. Mag dat wel vroeg ik aan de gids? Een Grouse, het symbool van een grote concurrent bij Dewars in de tuin.
Ik zie nog hoe de man diep zuchte, over zoveel domheid.

“Thats a pheasant, ma’am”
Hij bleef even stil,
“But if it were a Grouse, he would be shot on sight!”

We zijn in Schotland: 7) Kamperen tussen de kippen

Vrijdag 11 augustus – Naast de Catrine Ice Cream Parlour

(Yes! Een kleinzoon vannacht geboren).
Hoe waren we hier gekomen? Eerst weer een snelwegrit, de M6 naar Carlisle. Niet zo druk als eerder in het industrie gebied, toch niet echt fijn rijden. Vrachtwagen chauffeurs hebben weinig geduld. Bij het eerste invoegen raken we gescheiden. Ad rijdt dan minder hard zodat ik bij kan komen. Meteen gaan 2 big fellows hem voorbij. Uren hebben ze op 2-3 sec. afstand voor ons gereden. Later een bochtige 2-baans slingerweg, de A76 volgens Ad. Tegen de inhalers is weinig te doen, of ik zou mijn motor aan het achterlicht van Ad’s BMW vast moeten maken. Ik houd een minimale afstand. Soms iets meer omdat ik langzamer naar beneden rijdt dan Ad en daar rammen deze testosteronrijders hun auto ‘gewoon’ tussen. Er was er zelfs een van plan om ons alle 2 in een keer in te halen. Dat bleek een slecht idee, slippend op het asfalt kwam hij er toch maar tussen ons. Drukkend en wachten op de volgende kans.

Bij Sanquhar tearoom pauzeren we. Ik ben helemaal kapot. Pijn in mijn nek van de rijwind op de snelweg en de bochtige wegen zijn heel inspannend rijden. Er zou in Sanquhar een camping zijn. Op aanwijzingen van bewoners volgen we een uitvalsweg en ja daar staat het bord onderaan een klein kronkelweggetje. Ad rijdt er wel even alleen naar de receptie. Geen plaats voor tenten, maar we kregen een nieuwe tip: naast de Catrine Ice Cream Parlour, ongeveer een kwartier rijden. We vonden het zonder problemen. Bord camping stond er. Heel veel lege sta‑caravans. Geen levende ziel te bekennen. Bijna waren we weg gereden toen er een man aan kwam die bevestigde dat we konden kamperen. Maar het was zijn moeder die er echt over ging. Uiteindelijk vonden we de “Lady‑of‑the‑house” tussen een paar vervallen schuren/gebouwtjes. Een dame op leeftijd, heel aardig. Ze kwam gelijk met de prijs £5,- Daar deden we het voor. Het gras was keurig gemaaid, zoals het hoort op een Britse camping en er was een wc/douche. Ik ben nooit zo kritisch over het sanitair, als het er maar is. Deze instelling had ik hier zeker nodig. Wc had ik allang gebruikt aangezien ik met hoge nood de camping was komen oprijden en bij de zoektocht naar the Lady of the house de wc al gevonden en gebruikt had.

Heerlijk rustig stonden we daar op een leeg veld met vnl. lege stacaravans. Eindelijk een keer koken (nou ja koken, ravioli opwarmen) bij de tent. Terwijl ik een appel sneed en at werd ik door een paar wildvreemde ogen kritisch bekeken, er liepen drie kippen. Echte Barnevelders leghennen.

Het geluid van regen op de tent maakt me wakker. Gelukkig zie ik op mijn smartphone dat het regenfront bijna voorbij is. Het wordt zo droog. Koffie wil ik bij de Ice Cream Parlour halen. 10 uur gaan ze open. Ad jaag ik zijn bed uit, ik wil droog inpakken! Het lukt hij komt eruit. Op het dak vd schuur verzamelen de zwaluwen zich. Er zitten heel wat jonge vogels bij die twitterend en fladderend voer eisen van hun ouders.
9:42 zijn we klaar. Wachten we op de koffie? Ik besluit te gaan vragen of we vast een koffie kunnen scoren. De deur staat open en super vriendelijk vraag ik of we alvast mogen bestellen? Het mag. Twee Americano’s zetten we weg en bij het afrekenen spreek ik nog eens mijn waardering uit voor de flexibele opstelling.

We zijn in Schotland: 6) Kleinzoon#3

Vrijdag 11 augustus ’17
Naar Scotland gaan levert kleinkinderen op! Vorig jaar november in Glencoe hoorden we van kleine Quint. Vannacht is kleinzoon#3 geboren. Nee, hij heeft nog geen naam. Mijn zoon wil zijn kinderen eerst zien voor ze een naam kiezen.

(We zijn een paar weken verder. Aiden Kai is zijn naam.)

We gaan naar Schotland: 5) Settle

We lijken wel omsingeld…

Settle 10 augustus
Naast ons staat een groepje scoutjes à la jongste zoon. Allemaal dezelfde tentjes en overhemdjes. 6 jongens en 2 meisjes en de meisje hebben natuurlijk iets anders aan. Ze staat op tijd op en efficiënt breken ze hun tentjes af en pakken ze alles in.

Nou ja alles, ik zit koffie te drinken bij de tent en tot mijn verbazing zie ik dat er een klein plastic zakje met afval is blijven liggen. Ik moet er toch langs met mijn eigen afval en neem het mee. Voor ik het in de afvalcontainer kiep voel ik dat het zakje aan de zware kant is. Wat zit erin? Nog twee bijna volle zakken snoep. Een chocola en de andere blauw gelatine snoep. Scoutje had ze nog mee willen nemen en het had als laatste in de rugzak gemoeten.

Het is ‘vies’ snoep dus ik kiep het in de container.

We gaan naar Schotland: 4) Loughborough – Settle

Woensdag 9 augustus
De Travelodge ligt midden in de stad, ik ga op zoek naar een koffie terwijl Ad uitslaapt. Tesco verkoopt geen koffie, het wordt de Muffin waar ik met een Americano en mijn Smart Phone langzaam wakker wordt. The Peakdistrict hebben we gisteren links laten liggen. Vandaag beginnen we direct aan een zware M1 etappe. Regen houdt op maar de wind (tegen) trekt aan. Het is moeilijk om met Suuz op de juiste baan te blijven. Grote vrachtwagens links en rechts van me, duidelijk is dat we door een industrieel gebied rijden. Vooral op de open stukken is de wind erg hard. Gelukkig geen zijwind. Voor me zie ik een zwarte wolk. De BMW van Ad laat een dikke zwart/blauwe stinkende wolk achter. Als ik hem laat stoppen zien we verbrande oliesporen op de uitlaat. Iets lekt maar wat?

Vlak na de koffie rijdt Ad weer de oprit van een Services op. Alweer koffie? Vroeg ik me af? Nee. Benzine, mijn teller stond op 300+. Zover had ik nog niet durven rijden.
De snelweg naar het Noorden houdt bij Bradford op om noordelijk v/d stad weer verder te gaan. Ad hoopte dat aangegeven zou staan hoe je het beste door de stad kon rijden. Niet dus. Op gevoel
(niet het mijne dan reden we daar nu nog)
heeft hij de weg naar Skipton gevonden. Buiten de stad worden we beloond, daar begonnen de Yorkshire Dales met schitterende uitzichten. Doel vandaag wordt een camping in Settle. Daar waren we al eerder. Buiten het stadje herken ik de oprit naar de camping. Tot mijn verbijstering rijdt Ad  hem straal voorbij. Er is nog een camping, een met restaurant had hij op zijn app gezien…

Rechts komt net een ploegje scouts binnen

Een km verder gaat hij een klein weggetje linksaf. Er staat wel een bordje “unsuitable voor HGV”*) het is heel smal en gaat bijna loodrecht naar beneden. Met hier en daar een bergje gravel. Voor omkeren is het te laat. Mopperend volg ik naar beneden. Bij de camping aangekomen is de (modern aangelegd dat wel) oprit naar receptie stijl, schuin met een bocht over gravel naar een parkeerplaats. Ad scheurt dat zo naar boven, ik bedank. Hij gaat maar alleen onderhandelen met de campingbaas. Knights Stainforth Hall, wat ik ervan kan zien ziet er tof uit. We blijven. Het is een Ge-Wel-Dig restaurant en we eten er heerlijk.

Penne pasta with roasted vegetables & Tomato Sauce topped with chees finished under te grill. Zo lekker!

 

*) HGV = Heavy Good Vehicle. Zoals een camper bv

We gaan naar Schotland: Harwich – 3) Loughborough.

Onderweg naar Schotland – dinsdag 8 augustus
The Ramsey Castle Inn and Campsite was perfect als landingsplaats vanaf Harwich. Heel klein en eenvoudig met een pub ernaast waar je kunt eten en drinken. WC&douche achter in de pub. Deze dinsdag is een rij dag. We rijden eerst naar de Tesco van Colchester voor een paar locale prepaid simcards, Rocketpacks. Daar wachten we bij de koffie. Het wachten is op het verlossende sms’je van Tesco. Then its go. (Ting! Na 45 min heb ik het verlossende sms’je binnen, nu Ad nog)
Ik vind het heel bijzonder om achter de brede rug van Ad aan te rijden. Ik rij liever 2e, vooral als ik niet precies weet waar we heen gaan en hij wel. De smart Phone werkt als navigatie. En, tot het hoesje wat te vochtig werd, werkt het goed. Mijn taak: bij blijven. Er zijn altijd k**autorijders die elke meter willen benutten om op een levens gevaarlijke manier in te halen. Tegenliggers krijgen soms de schrik van hun leven.

Voor de Britten een heel gewone rotonde.

Maandag was dat een hufter in een vrachtwagen. Al meer dan 30 min reed hij met dat grote ding hijgend in mijn nek. Het was druk op de weg, het tempo werd bepaald door het verkeer voor ons. Het vervelende is dat ik Ad dan helemaal niet meer kan zien. Volgen op een rotonde is lastig als je niet weet welke afslag we moeten hebben. Ad probeert de knippers goed te zetten voor mij maar hij weet ook niet altijd welke afslag het gaat worden. Iedereen die wel eens door GB gereden heeft weet dat de Britten roundabout happy zijn. Ik schat dat ze 3x meer rotondes per km hebben dat wij in Nl. Vaak zijn ze niet rond, maar ovaal. Meer dan 3 afritten, volkomen onlogisch verdeelt. Regelmatig worden rotondes direct gecombineerd met een andere volgende rotonde. Als ze dan ook nog erg groot zijn ben ik al snel alle gevoel voor richting kwijt. Het enige positieve is de andere Britse gewoonte om in het voorsorteer vak het nummer van de weg waarop je verder kan te vermelden. Vaak met S of N eraan vast zodat je bij het naderen van WEER een rotonde gelijk al de juiste baan kan kiezen. Voor mij geld vooral: Bijblijven! Vooral als ik aan de houding van Ad zie dat hij het ook niet weet…..

Op de terugweg leek dat Hull, Leeds en Selby een afrit hadden. Aangekomen op de 2e rotonde bleek dat niet zo te zijn. Ach ja rondje v/d zaak…

In Leicester werd de regen ons teveel. Travelodge lokt met rooms vanaf £39, – een lokkertje. Aan de balie blijkt de prijs £61…! Boeken kan het beste (=goedkoopste)  online……. terplekke heb ik de smartphone ter hand genomen. Uiterst moeizaam met koude natte handen worstelde ik met de website. De Travelodge Loughborough had ik snel gevonden en het menuutje waarbij ik voor de goedkoopste kamer ging was ook goed te doen. Daarna moesten de persoonlijke gegevens verstrekt worden. Eerst wilde het systeem dat ik in Nepal woonde, daarna werd het Maleisië! De 3e keer kon ik the Netherlands erdoor rammen en mijn creditcard opvoeren. Kaart geweigerd, iets met tan-codes. Idem voor de creditcard van Ad. Ik was er helemaal klaar mee en dan maar de £61,- te betalen. Maar: de receptioniste hield haar scherm in de gaten en zag dat de reservering in haar systeem was aangekomen. En met dezelfde creditcard die net door het systeem geweigerd was kon ik wel ter plekke betalen! Voor de online prijs. Mooie kamer, Gaaf uitzicht.

Bij Tesco aan de overkant een salade&oatcakes gehaald. Heerlijk gechilld, tv gekeken. Weerbericht; regen gaat naar het zuiden, wij naar het Noorden. Scotland, here we come….

Deze allergoedkoopste kamer bleek een magnifiek uitzicht te hebben!

De wasmachine draait

Loughborough, woensdag 9 augustus, 9:39

We zijn weer thuis. 2308 km staan erbij geschreven op de teller. En al was het met stip de natste Schotlandkampeervakantie die ik meegemaakt heb, voorop staat dat het geweldig was. Later meer. Deze foto geeft mijn gevoel over het rijden in de regen prima weer. Gewoon blijven lachen!

We gaan naar Schotland: 2) Vanmorgen bij de Tesco

Van Loughborough. De rit van gisteren, dinsdag begon droog. Af en toe een bui ging naadloos over in regen. In Leicester hadden we er schoon genoeg van en werd het een kamer bij de Travelodge van Loughborough.

Vanmorgen ging ik naar Tesco voor koffie. Koffie hadden ze niet, wel mijn geliefde Pink Ladies.

We gaan naar Schotland: 1) We varen!

Even een heerlijke draaistoel ontdaan van een sjaal …… direct probeerde iemand mij uit leggen dat ik dat niet mocht doen. Ha! Had ze betaalt voor vier stoelen? Ze begreep me.

We zijn aan boord van de Stena Britannica. Of de Stena Hollandica. Ik weet nog niet hoe ik er achter moet komen welke het is. Hoek-van-Holland – Harwich. Ongeveer 20:00 GMT komen we aan. Twee mijl naar onze camping bij de pub 😉

Morgen rijden we op de motoren richting de Peak district. Geloof ik. Ik maak nooit plannen. Ik ben van de lijn ‘we zien wel’. Ad wil wel plannen en weet dat als hij het mooi weet te brengen ik zijn plannen vaak goed vind….

Newcastle revisited

Wachten, wachten en nog langer wachten in Newcastle.

Wachten, wachten en nog langer wachten in Newcastle.

De dag in Galashiels begint grijs en droog. Pas in Newcastle gaat het regenen. Terwijl we 1½ uur in de rij moeten staan. De man in het geel die aanwijst wie er naar binnen mag kan er ook niets aan doen, hij krijgt vanuit de boot zijn orders. Eerst de campers en de caravans. Dan zoveel kleine auto’s en dan een paar grote. Af en toe een grote vrachtwagen. Heel veel verschillende auto’s. Daar zijn ook de meeste van. Tijdens het wachten doe ik toch mijn regenbroek aan. Ik reken erop dat we, net als in 2013 als allerlaatsten aan boord gaan.

Ik krijg gelijk.

De man in het geel en later ook de kapitein beloven zwaar weer, ik ben benieuwd. img_9297

Galashiels

naar Adrossan

de veerboot naar Adrossan

Niets aan te doen, we moeten terug naar huis. De boot is geboekt voor vrijdag 19 augustus. Ad, de grote routeplanner, probeert altijd ook van de reis van en naar de boot iets leuks te maken. Dwz, leuker dan de snelste route over de saaie snelweg te nemen.

Na een ontbijt bij ‘the little Rock’ vertrokken we met de Calmac boot van Brodick naar Adrossan. Om het een beetje leuk te houden gaan we er 2 dagen over doen. Ooit stonden we ook een laatste dag op een camping in Calander. Daar was een familie in alle vroegte (iets van voor zessen) opgestaan omdat ze in één ruk naar Dover gingen rijden…. 900 km!

Zo doen wij dat dus niet. Galashiels, Scottisch Borders, leek leuk halverwege de route te liggen die Ad gevonden had. We reden er gladjes heen. Er zouden twee campings zijn, toen de borden de eerste aankondigden gingen we kijken. Park Kilnknowe, het zag er niet aantrekkelijk uit. Luxe huisjes waar nog aan gebouwd werd bij de ingang, een lange rij lege occasion caravans in uiteenlopende staat van onderhoud. Tenten zag ik er niet. We besloten eerst verder te rijden op zoek naar de andere camping. Na flink vruchteloos zoeken hoorde Ad dat de 2e camping gesloten was. Dan maar terug naar de eerste camping.

Park Kilnknowe, Galashiels

Park Kilnknowe, Galashiels

De ontvangst was niet zo enthousiast. Het was even zoeken voor we de beheerster konden vinden. Tenten zag ik er niet afgezien behalve die ene op het verkeersbord. Het stond vol met onbewoonde caravans waarvan sommigen betere tijden gekend hadden. Bij een plekje tussen twee caravans, mooi groen en recht, stonden we stil. Dat werd ons aangeboden.

“£5,-?” het was namelijk zo dat dat het tentenveldje, dat ergens helemaal ver weg achteraan zou liggen door een groep jongeren in gebruik was. Dit zou voor ons geschikter zijn. Wij gingen direct akkoord. Wc was er douche niet maar dat kon mij niets schelen, de dag erna hadden we een hut met douche op de boot. Routineus zette ik de tent op en ging Ad voor het luchtbed zorgen. Tenminste, dat wilde hij. Maar de pomp……. Die lag waarschijnlijk nog op Arran. En nu? Hij ging maar eens in receptie informeren of zij een pomp te leen hadden. Dat niet. Wel kreeg hij te horen dat er een Halfords op 5 min rijden was. Ad erheen en hij is nu de trotse bezitter van een luchtpomp met een Engelse stekker!20160818_175040

Naast ons woonde een oude weduwe in een stacaravan. Alle gordijnen potdicht. Om een uur of vijf kwam ze even naar buiten met haar twee stokoude hondjes. Na een tijdje ging de tv aan en ± 20:00 ging die weer uit.

Het was een heel rare camping. In de loop v/d avond kwamen heel veel auto’s langs rijden. Het leek mij een camping waar mensen woonden en die overdag naar hun werk gingen. Voor een nachtje vond ik het wel grappig. 20160818_195136

Goodbye Islay! Tot de volgende keer…..

Camping Port Mor - Islay

Camping Port Mor – Islay

De laatste ochtend op Islay en het weer is prachtig. We gaan koffie dringen bij Tim en Margaret aan de overkant. ± 8:30 heb ik alles ingepakt, vastgebonden of klaargelegd. Ad is iets langer bezig, hij heeft de tent op zijn motor en die kan hij pas vastbinden als ik de tent ingepakt heb.

De tent is mijn taak. Samen een tent op- c.q. afbreken is niet zo goed voor onze relatie. Ik vind het leuk om een tent op te zetten en Ad vind het vreselijk. Combineer je dit met een zwerm bloeddorstige mitsies dan hebben wij zo ruzie….. dus: ik doe het alleen. Het kleine tentje opzetten is een fluitje van een cent. Een keer terwijl was ik lekker bezig, zag ik een vrouw in de auto ontzettend boos naar me zat te kijken. Ik heb haar niet gevraagd waarom. In mijn verbeelding zou het maar zo kunnen zijn dat zij het aan haar man overlaat omdat het ‘mannenwerk’ is. Tja, dan komt het niet goed uit als een andere vrouw wel de tent opzet….. wie weet heb ik dat helemaal niet goed gezien, haha.

Bij Tim en Margaret staat nog een rode BMW motor voor de deur. Zijn bestuurder gaat ook weg, met de boot vanaf Port Ellen. Ad was er nog stellig van overtuigd dat wij in Port Askaig moesten zijn. Even de dienstregeling van Calmac gecontroleerd…… oeps, ook wij moeten naar Port Ellen. Gladjes rijden we ernaar toe. Onderweg geniet ik van de uitzichten over de peatvelden. De weg langs het vliegveld van Islay is kaarsrecht en het lijkt net of we in een Amerikaanse film rijden. Voor de overtocht naar Kennacraig had Ad telefonisch gereserveerd. Aangemeld bij de ticketoffice en daar is alles in orde. Alleen, de man van Calmac die de rij controleert wil een kaartje hebben! Ad weer terug naar binnen voor een kaartje, tot grote ergernis van de medewerkster achter het loket en zo gaat Ad van het kastje naar de muur. Door dit getouwtrek gaat Ad de laatste aan boord.

Altijd fijn als ze de motor voor je vastzetten.

Altijd fijn als ze de motor voor je vastzetten.

Vanaf Kennacraig waar het ook prachtig weer is (ja na drie dagen regen aan een stuk waardeer je dat nog meer) rijden we heerlijk relaxed naar Claonaig. Een verlaten en onbemande terminal aan de Sound of Bute.20160816_15262220160816_152752

Een simpele veerboot naar Lochranza op Arran. We blijven bij de motor. Geen koffie…. Op Arran gaan we lekker makkelijk naar de camping bij Lamlash. Daar waren we eerder in 2014 en toen beviel het goed. Langs de A841 rijden we naar Lamlash. Tot mijn grote schrik is een flink stuk net met vers gravel bedekt. Onze snelheid (vooral de mijne) zakt naar 20 km/uur. Ik verlies Ad af en toe uit het oog maar dat is niet erg, de weg gaat maar één kant op en we zijn hier eerder geweest.20160816_200349

Eindelijk droog!

20160813_173509Eindelijk was het eindelijk droog geworden. Yes, de volgende zaterdagmorgen was het nog steeds droog. Het uitzicht werd beter, mooier en we konden veel verder over het water kijken.

Ik kon het haast niet geloven. Na het geweldige ontbijt (te veel en te lekker) gingen we naar de camping aan de overkant, Port Mor. Het arme verzopen tentje werd aan de oever van Lochindaal te drogen gezet. Wij hadden een doel: Bowmore en wel de tour. Het weer gaf aan het rondrijden een heel andere dimensie. Islay is een overrompelend prachtig eiland met heel veel peatlands.

20160813_16514420160813_165129Bowmore is mijn favoriete Islay whisky en de toer was boeiend. Voor het eerst maakte ik een Whisky memorabilia aankoop: een echte Bowmore pet. Door naar Lagavulin: helaas vol voor vandaag En naar Ardbeg: ook vol. Wel konden we in het restaurant een heerlijk soepje scoren, de Haddock Chowder. Laphroaig zit in het zelfde straatje en daar dacht Ad eraan om zijn jaarlijkse pacht voor zijn square foot peatland die hij in bezit heeft en aan Laphroaig ‘verhuurt’. 20160813_201510

Terug op de camping lag de tent plat tegen de grond. Ik vreesde dat de tentstokken gebroken waren …. zo erg was het niet. Deze tent is niet zomaar kapot te krijgen. Door de harde wind waren de stokken verbogen. Er zat niets anders op dan de tent aan de andere kant, in de luwte van de speeltuin opnieuw op te zetten. 20160813_184653 

Eindelijk kon ik weer eens koken bij de tent. Een beproefd menu van gebakken worstjes, tikka massala saus en rijst. Geserveerd met een frisse salade. Dessert: whisky bij de tent.

Het Victoria Hotel II

The Victoria Hotel, Tarbert, Kintyre, Schotland

The Victoria Hotel, Tarbert, Kintyre, Schotland.

Het Victoria hotel is niet veel veranderd. De Creditcard machine is nog steeds of alweer kapot. Het hele hotel staalt een ‘vergane glorie’ uit met de nadruk op vergane. Er is geen eenheid in stijl van behang en vloerbedekking. Deuren sluiten slecht. Als we het slot van de trap naar boven controleren gaat hij wel op slot, maar niet meer open. Gelukkig waren we net onderweg naar beneden voor avond eten, want het duurt uren voor iemand het slot weer open krijgt. Wij laten het daarna zo! Ik heb wel wat met dit soort etablissementen. Ad heeft grondig de smoor in over de hoge prijs voor onze niet bijzondere kamer. Bovendien blijkt het een B&B zonder de B van breakfast te zijn. Daarvoor worden we naar de ‘Marine Bistro’ verwezen. Ad meende dat dat gratis zou zijn maar dat had de uitbaatster niet gezegd, alleen maar gesuggereerd…….. voor niks ging de zon op. img_9205Afijn, ik maak er het beste van. De natte slaapzakken leg ik over het derde bed. Mijn schoenen vul ik met handdoeken bij gebrek aan oude kranten. Ik kiep mijn natte tassen leeg over de vloer en leg alles ‘te drogen’.

Vrijdag 12 augustus, het regent. Ad slaapt lekker uit, ik ga naar de ‘Marine Bistro’ die de beste koffie van Tarbert zou schenken. Boven 20160812_074610mijn koffie droom ik weg. Aan de overkant zit een jonge vrouw met een potje thee hetzelfde te doen. Iedereen is stil. Grappig hoe veranderende omstandigheden voor nieuwe inzichten zorgen. Ik heb nu ff gehad met kamperen-op-de-motor-door-Schotland. Op de motor zijn we veel kwetsbaarder voor de regen. Af en toe een buitje is helemaal niet erg. Blijft het regenen dan na verloop van (weinig) tijd alles nat en gaat de lol eraf. In Oban had ik nieuwe wandelsokken gekocht o.a. van merinoswol. Hema verkocht ze vroeger ook. Katoen, als het nat wordt, wordt een koude natte klomp. Wol blijft warm en veerkrachtig. Ad werd er helemaal blij en vrolijk van toen ik zijn vieze natte stinksokken confisqueerde en hem een paar droge sokken teruggaf. “Warme voeten, wat een uitvinding!”

20160812_094849

Dan moet de customer dat wel willen, gezond eten. – Aan boord bij Calmac.

Aan boord komt alles weer goed.

Pech onderweg II

Wachten op de tecnnische hulp

Wachten op de technische hulp.

Vooraan in de rij, nog steeds in de regen, staan we klaar om aan boord te gaan, het wachten is op het groene licht van de Calmac mensen en ik heb mijn motor alvast gestart. Opvallend tevreden en regelmatig staat Suuz te draaien. Even later slaat ze af. WTF? Ik draai de sleutel in het contact om. Niets. Zelfs het contact lichtje gaat niet meer aan. Ad ziet meteen dat het helemaal mis is, zo kunnen we niet mee.

13:00 =G.M.T.*( We verlaten de rij, parkeren aan de kant en ik ga de ANWB bellen. Eerst met mijn mobiel, dan die van Ad. Helaas hebben we in deze uithoek van Schotland geen dekking. Van de Calmac medewerkster mag ik gebruik maken van de telefoon van de ticketoffice. Na eindeloos veel keuze menu’s krijg ik een medewerkster in Den Haag aan de telefoon. Heel veel vragen moet ik beantwoorden. Een aantal malen herhaal ik dat ik met een motor stil sta, niet met een auto. Dat onze mobieltjes het hier niet doen, of ze het nummer van de ticketoffice wil noteren en doorgeven dat dat gebruikt moet worden. “Binnen 2 uur zal er hulp komen” belooft ze. Famous last words…..  ze geeft me nog een ander nummer van de ANWB in Den Haag voor als ik nog vragen heb. Ik ga zitten wachten in de wachtruimte. De verwarming is aan, mijn sokken en schoenen liggen er onder, ik loop op blote voeten door de ticketoffice.

Wachten in de ticketoffice. De automaat had niet alleen koffie maar ook twee smaken soep!

Wachten in de ticketoffice. De automaat had niet alleen koffie maar ook twee smaken soep!

15:15 arriveert de volgende boot en vertrekt. Als de drukte in de ticketoffice voorbij is vraag ik of ik nog een keer mag bellen met Den Haag. Bleek dat de AA (=Britse ANWB) onderweg geweest was. Ze hadden geen gehoor gekregen op onze mobiele nummers. Daarna de ticketoffice gebeld en gevraagd naar een auto met pech? Die stond er niet had een andere Calmac medewerker verteld. Daarna (waarom? Nobody knows) hadden ze een monteur naar de haven op Islay gestuurd en ook daar had hij geen pech geval kunnen vinden. Goh! De medewerkster in Den Haag gaat opnieuw aan de slag.

16:05 belt de AA in de persoon van Anna. Ze spreekt Nederlands alsof ze Nederlandse is, ik denk eerst dat ik de ANWB aan de lijn heb. Ze vraagt naar de postcode van de terminal en zegt dat ze het gaat regelen. Fijn! Duidelijk is dat wij deze dag niet meer naar Islay gaan. Het regent nog steeds. Op Islay hebben we geen reserveringen, we kunnen net zo goed blijven. Ad rijdt naar Tarbert (4 mijl) en reserveert net als 2 jaar geleden in het Victoria Hotel. Ik zit me te vervelen en kijk via de wifi v/d terminal op Facebook. Er komt een reclame post voorbij voor Europahulp v/d ANWB.

“Ga goed voorbereid op vakantie. Dag en nacht hulp bij pech in Europa door de ANWB Alarmcentrale”

Ik kan het niet laten om een reactie te plaatsen met de opmerking dat we al meer dan drie uur wachten. Ook deze ANWB medewerker gaat er met mijn gegevens achteraan.

17:45 gaat de telefoon, ANWB voor ons. Inmiddels kennen ze ons beiden bij naam. Ad heeft uitgebreid overlegd over voor welke boot we wel kunnen reserveren (morgen 10 uur) mag Ad aan de telefoon komen. Het wordt spannend want om 18:00 sluit de receptie van de ticketoffice en zijn we onbereikbaar.
Hulp is nu echt onderweg, binnen 30 min zullen ze er zijn. “Weet je dat zeker?” vraagt Ad ongelovig. Nou binnen 45 min dan.

18:28 rijdt er een witte bestelbus het verlaten terrein op. Eindelijk de beloofde technische hulp. Volgens Ad is de hoofdzekering doorgebrand. De twee mannen gaan met deze theorie aan het werk. Ik doe al mijn natte zooi weer aan terwijl er aan de Suuz gesleuteld wordt. Zoals Ad al vermoedde, de hoofdzekering was doorgebrand. Na vervanging doet Suuz het nog steeds niet, er is nog iets stuk, een connector. Waarschijnlijk nog een origineel onderdeel uit haar bouwjaar 1995. Het wordt tijdelijk gerepareerd en victorie: Suuz start weer. Het is dan 19:00 en ik heb het helemaal gehad. Ad vraagt ze nog hoe laat zij de melding van onze pech gekregen hadden? 17:30 en ze moesten een half uur rijden. Aan hen heeft het niet gelegen.

Het is ruim 7 uur als we, in de regen, eindelijk het terrein af rijden. Doodmoe gaan we naar het Victoria Hotel.

 

*( G.M.T. = Greenwich Mean Time

Pech onderweg I

 

Oban

Oban

Het regent de hele nacht. Alles is nat. Slaapzakken, spijkerbroeken. De tanktas had ik bij aankomst direct in de tent gezet met mijn droge handdoek. Tevergeefs, het is allemaal nat. “Natter kan niet”*) denk ik nog als ik de tent kledder nat oprol en in de tentzak prop. Tesco Oban heeft een goedkope pomp, daar gaan we nog even tanken en koffie drinken voor we doorgaan naar Kennacraig op Kintyre waar Ad voor 13:00 de boot naar Islay geboekt heeft. We tanken, Ad rekent af, weigert zijn bon en dan willen we verder rijden. Suuz start braaf maar uit de BMW komen de meest verschrikkelijke geluiden, hij start niet meer. Ik vrees dat zijn versnellingsbak die al maanden slecht is nu de geest gegeven heeft en voorzie dat we voorlopig in Oban moeten blijven…… Ad denkt dat er door de regen water in de benzinetank gelopen is. Ik vind dat niet voor de hand liggen maar als het over motorische zaken gaat hou ik wijselijk mijn mond. Ad heeft meestal gelijk. Vandaag niet. De medewerkster van de pomp, die de herrie ook gehoord heeft en ziet dat Ad niet meer verder kan rijden heeft de bon uit de papierbak gevist. Het staat er zwart op wit: Ad heeft diesel getankt. Het is zeker onze bon, 2x tanken bij verschillende pompen, 2 en 5. De nummers kloppen. Al wil Ad er niet aan, ontkennen heeft geen zin, hij heeft diesel getankt. We staan op het bedrijven terrein van Oban. Ik geef Ad de sleutels van mijn Suuz en ga lekker voor mijn koffie bij de Tesco. Hij gaat ergens een hevel lenen. Het meisje v/d pomp verteld hem waar hij moet zijn.

Ik scoor mijn koffie. Sandwich erbij, ff verder schrijven in mijn reisdagboek. 25 min later loop ik naar de pomp. De diesel is eruit, er zit nieuwe benzine in en de BMW wil wonder boven wonder weer starten. Het klinkt nog steeds niet heel goed, er komen veel ploffende geluiden uit de uitlaat. Het regent. Helemaal op schema vertrekken we uit Oban. Het is 90 km over een slechte bochtige weg in de stromende regen. Gemiddeld rijden we amper 60 km/uur. Het regent al zo lang dat de stroompjes langs de weg hoog staan, hier en daar is de weg overstroomd. Al snel staat er een laag water in mijn schoenen. Eindelijk rijden we door Tarbert. Langs het knalgele Victoria hotel dat er blijkbaar nog steeds staat. Precies op tijd komen we op de terminal van Kennacraig aan. Helemaal daas rij ik de man van Calmac straal voorbij. Gelukkig stopt Ad wel. De man heeft niet veel motorfietsen op zijn lijstje staan,
“Hofland and Hofland is that you?” en we mogen ons opstellen voor de boot. Kleddernat staan we daar, in de regen. Uit de uitlaat van de BMW komen nog steeds ploffende geluiden. Het motor geluid van Suuz klinkt heel goed, net een spinnende kat. 

Wordt vervolgd.

Calmac Terminal Kennacraig

Calmac Terminal Kennacraig

*)Het kan wel  veel natter. Na een overstroomd stuk staat er een laagje water in mijn schoenen.

 

Onderweg naar Morton Hall Edinburgh

20160805_080454vrijdag 5 augustus
In de nacht moet ik piesen. Ik zie een zwarte labrador duidelijk op zoek naar eten. Bij de camper van de buren is hij druk bezig met de voerbak van de buurhond. Later vraag ik de buren of er misschien nog hondenvoer lag? Nee, dat was onmogelijk buurhond liet nooit iets over. De zwarte lab liet via het hondenrondje verder. Hij leek lief. Geen baas verder te bekennen.
20160805_080236Bij opstaan regent het. Tussen de buien door met de spiritus brander koffie gemaakt. Humeur van Ad is onder nul. In Dunbar gaan we voor een koffie en ik scoor er een BLT sandwich bij. In de bibliotheek Oban geprobeerd het e-mail account van Ad te deblokkeren. Tevergeefs.

We hadden kaartjes voor de Edinburgh Tattoo. Ad had thuis iets gezien op youtube en moest en zou er heen. £45,- pp kon hem geen ruk schelen. De rest van de vakantie hebben we er omheen georganiseerd. Dwz, hij vond op Internet een stadscamping in Edinburgh, Morton Hall en, helemaal op dreef reserveerde en betaalde 2 nachten van te voren. Zaterdag gingen we naar de Tattoo, vrijdag gingen we naar de camping. Ver was het niet vanaf Dunbar. In de buitenwijk stond de camping zowaar duidelijk aangegeven op de borden.

https://lothianbuses.co.uk/timetables-and-maps/timetables/11
Hoe moesten we vanaf de camping de binnenstad bereiken? En nog veel belangrijker hoe kwamen we zaterdagnacht weer terug? Receptie gaf ons een folder met de dienstregeling van lijn 11. Die ging langs de camping de stad in en weer terug. We gingen het meteen uittesten. De bushalte voor de ingang van de camping was van de bus uit de stad. Maar de halte aan de overkant was niet te zien. Er was ook een groepje blondjes op weg naar een feest, uniform in zwarte rok, witte bloes en een roze sjerp. Volgens hen moesten we rechtsaf, een van hen had het gevraagd. Zeker 1½ km verder nog steeds geen bushalte. Wij hadden normale schoenen aan maar de meidenparty liep op wankelhakjes. Ze gingen steeds langzamer. Zelfs Ad liep ze eruit. Eindelijk kwamen we een andere voetganger tegen. Ja, inmiddels konden we beter doorlopen zei hij, maar vanaf de camping was het linksaf 200 m rechtsaf 2 km. Eindelijk kwam de bushalte in beeld, de meidengroep (van ± 40 jr.) hadden we al achter ons gelaten. Yes en toen de bus. Vanwege de overvallen kun je als je contant betaald alleen gepast betalen en je geld verdwijnt gelijk in een of andere ingebouwde kluis bij de chauffeur. Hij doet er niets mee. £1,60 pp bracht ons in de stad.

Het Edinburgh festival was in volle gang. Twee keer dachten we dat we de rijen voor de Edinburgh Tattoo ergens zagen maar stonden mensen voor een ander feest in de rij. Het was ff zoeken voor we de juiste plek gevonden hadden. Verder vragen leverde op dat er nachtbussen gingen, elk uur vanaf het moment dat de reguliere bussen niet meer gingen. Wauw! Alles in kannen en kruiken.
Terug op de camping regende het. Goede reden om in het restaurant naast de camping te gaan eten. We hadden geen grote trek. Ad zag op de kaart dat ze een grote en een kleine Fish & Chips verkochten voor £ 5,95. Dat bleek nog een hele hap.
Toetje: whisky bij de tent.

Dunbar

Met Passing Point.

Met Passing Point.

Ad reed er zo naar toe. De laatste afslag vanaf de A1 was wat tricky. We zagen het bord laat, ik moest flink remmen. Voor me zag ik hoe Ad naar rechts(!) keek voor hij in de slipstream van een andere auto de rechter rijbaan overstak. Ik stond stil op het voorsorteer vak en realiseerde me dat ik naar links moest kijken om te zien of de weg vrij was. Niet dus. Het duurde even voor ik kon oversteken.

Na het razen over de A1 heeft het single-lane-weggetje naar de camping een hoog “weg‑van‑de‑snelweg” gehalte. Schitterend duinlandschap. Het langzame rijden waarbij je bij ieder passingpoint moet wachten op de tegenligger die eerst komt heeft een rustgevend effect.

Over koken op de camping hebben we de volgende afspraak: bij droog weer draai ik op de Trangia iets simpels, bij regen halen we ergens eten. De aankomst dag in Dunbar was het mooi weer. wisselend bewolkt en droog. Bij een van de twee Co-op winkel die het klein plaatsje rijk was haalde ik een zakje gare rijst, Co-op Tikka Massala en een pakje worstjes. Thuis had ik de Trangia al getest. Het duurt heel even voor hij warm is, daarna gaat het hard.

Na enige tijd kunnen de andere ingrediënten erbij;

Toetje: Whisky bij de tent.