We zijn in Schotland 13) MacGillivray’s (ook een lastige naam)

2014

MacGillivray’s in Oban
We aten er ooit. Vorig jaar nog geloof ik. Bij de bestelling moet je je naam geven zodat ze je kunnen roepen als de bestelling klaar is. De eerste keer begreep ik dat niet meteen en legde de serveerster het uit;

“Like: My name is Karin and …..”
Ah, het kwartje viel en ik zei
“Right! But My name is Karin and….”
Dikke lol bij de meiden in de kar.

Dinsdag stond er een Japanse of Chinese jongen te wachten en routineus werd naar zijn naam gevraagd. Verbaasd keek hij op. Ik zag hem denken,
“Mijn naam? Dat wordt leuk/moeilijk!”
Hij bleef een momentje stil en zei toen

“It’s Jimmy”

We zijn in Schotland 12)

Onderweg heeft Ad een stijve nek. Pijn en daardoor een iets minder goed humeur. Niet heel erg, wel vervelend. Oorzaak: geen goed kussen en daarom slaapt hij op een opgerolde motorjas vol met harde onderdelen. Hij wil geen sjaaltje om. Pas als ik een dag later het minimale soepele zwarte colletje gewoon omdoe (hij is even niet zo heel erg tegen) zit het meteen heerlijk, en houdt hij het om.

Zondag middag in Oban loop ik langs memory Lane het stadje rond. Ik vind één outdoor winkel die open is en wauw afgeprijsd van £14,- naar ƒ4,- verkopen ze een klein zacht kussen. Pas op de camping laat ik Ad raden wat ik voor hem gekocht heb. Hij moet er even over nadenken dan raadt hij het.

Later test ik het kussen ook 5 min. Precies goed! Ad blij en ik wil er ook een.

 

We zijn in Schotland: 11) Return to Oban

Ik hou van kamperen. heerlijk om naast de tent te ontbijten. Koffie, oatcakes en kaas, wat wil een mens nog meer?

Zo 13 augustus Dunoon, Cowal peninsula
Het zou mooi weer worden vandaag, ik word wakker van de regen op de tent. 7:30 sta ik op, om in het kantoortje een verslag voor Facebook te schrijven. Uploaden lukt me later nog wel. Een heerlijk zonnetje komt erdoor, ik kan naast de tent koffie maken en ontbijten met oatcakes. Het leven is goed! Droog en met een waterig zonnetje jaag ik Ad zijn bed uit en pak ik de tent in. In de regen rijden we richting Oban. In Inveraray stoppen we voor koffie. Als ik nog ff naar buiten ga om iets uit de motor te halen komt de regen echt met bakken vol uit de lucht gestort. Fijn dat ik alles apart in plastic zakken verpakt heb.
Eindelijk wordt het definitief droog. Het is heerlijk motorrijden. De weg is goed, het uitzicht magnifiek. Heel veel andere motorrijders, eerst vooral bij de tegenliggers. Wat later lijkt het of er een helikopter achter me rijdt. Jawel, twee zware jongens en al snel zoeven ze me voorbij. Motor voorbij motor is niet zo lastig, geen scherpe bocht houdt ze tegen.
Onder een stralende zon rijden we Oban binnen, diverse locaties met bordje
‘Vacancies’ negerend. Ook Ad wil naar een plek met een mooi uitzicht. Oban Caravan & Camping Park heeft dat plenty. We rijden er linea recta heen, voor minimaal 2 nachten.
Terug in Oban shoppen we bij Tesco. Onze favoriete co-op is er niet meer. Doel is om vast “wat te gaan proeven” bij een local Seafood kraam. Het wordt uiteindelijk een complete maaltijd. Garnalen sandwich, scallops & garlic butter, steamed mussels en hot smoked salmon, een feest! Bij de tent heb ik geen zin meer in koken.

We zijn in Schotland: 10) Dunoon en Bute

Za 12 augustus. Camping Cots House, Dunoon.

Er zijn nieuwe pond munstukken. Blijkbaar niet geschikt voor de wasmachine

Heerlijk droog weer. Ad slaapt uit tot 9 uur. Ik ga in het kantoor- en washok vd camping zitten schrijven. Droog, stopcontact voor mijn smartphone, af en toe contact met de provider. Ik schrijf 2 babykaarten naar mijn kleinzoon. Langzaam wordt de lucht overwegend blauw. Bij de pompwinkel test ik de Costa koffie, niet slecht. De sandwiches zijn te duur.

We zijn er al een paar dagen en het voelt alsof we nooit weg waren. Facebook kwam vanmorgen met een post uit het verleden. Vaak zijn ze leuk maar deze….. is nu even niet geschikt. Het is de foto van mijn Suuz op Kennacraig…. Vorig jaar deze tijd hadden we pech met een kapotte Suzuki op de terminal van Kennacraig. In de regen en ANWB had Zeven uur nodig om hulp te sturen.
(na arriveren van de hulptroepen was het zo gefixt)

Thuis is dat een avontuurlijk verhaal, nu niet. Gisteren op de terugweg van het eiland Bute was ik achterop geraakt en bij een 3-sprong wist ik het niet meer. Komt ervan als ik alleen maar veilig achter Ad aanrij en slecht oplet. Volgens het bord was Dunoon rechtsaf. En we hadden vanmorgen op de heen weg een afslag gehad, was dat hier? Ik sla af, het is eerst normaal brede weg. Later wordt meer tricky en verschijnen de passing place borden. Het is niet de juiste weg maar na een 22% daling is omkeren geen optie. Bellen, sms’en, appen, het kan allemaal niet. Ik weet dat Ad verschrikkelijk ongerust en boos zal zijn maar ik weet niet waar hij nu is. Doorrijden lijkt me het beste. Er komen geen 22% hellingen meer. Ik ben iemand die dit soort afgronden in der eerste versnelling en met beide remmen langzaam naar beneden afdaalt. Ad vertelde later dat hij daar 80 reed in zijn vier.

Ik weet niet of ik dat geloof.

We zijn in Schotland: 9) the Cowal Peninsula

Catrine ligt echt in Schotland, in Ayrshire. Op de kaart zien we dat een oude favoriet van ons, Oban binnen bereik komt! Een van mijn andere wensen is om een stukje Schotland te vinden waar we nog niet geweest zijn. Het ingewikkelde gebied van de eilanden en schiereilanden van Argyl & Bute heeft nog veel geheimen. Er zijn weinig wegen en niet te veel ferry’s. The Cowal Peninsula, daar zijn we nog nooit geweest. Goede reden om daar te gaan voor kamperen en sightseeing.

Door de regen rijden we langs de kust. Motregen, echt nat worden we niet. Droger ook niet. Vlak voor Largs zwoescht er weer zo’n inhaaletter met aanhanger langs me, om daarna erg langzaam te gaan rijden. Wel een hele km rijdt hij zo voor me om dan in Largs linksaf te slaan. Onredelijk ongeduldig tiep dus. Waarbij wij voor de bebouwde kom iets te hard rijden, zeker niet te zacht.
Via de ferry McInroys Point – Hunters Quay komen we op het schiereiland, daar willen we een camping. Op Internet staan er zat. Toch een mooie uitvinding die smartphone, gewoon een pc met Internet in je broekzak. De eerste camping is vnl. zompig nat gras onder verschrikkelijk donkere naaldbomen. Er loopt geen levende ziel. Na enige tijd zien we leven, er loopt één persoon. Een saaie camping met leegstaande onbewoond aandoende caravans. Geen winkel, geen pub, geen restaurant? De volgende, The Cots House Caravan Park, ziet er beter uit op mijn smartphone. En belooft een café en winkel. Daar gaan we heen.

Tja, het is nooit zo mooi als op een foto, dat is heel duidelijk. Het trekkersveld is een rondje gras rond een groot lelijk grintveld. Aan het eind is een stuk gras onder de bomen maar in de huidige regen erg zompig. Ik kies een droog en vlak stuk en we blijven. Het heeft wel wat. Café bij de buren, en een benzinepomp met winkeltje dat voor een benzinepomp winkel goed gesorteerd is. Oatcakes kan ik eerst niet vinden en ik vraag ernaar;
(met vet schots accent)

“We sell them, above left shelve. Ye ken not not sell oatcakes!”
“Thats what I thought!”

Er staat ook een Costa koffiemachine. Werkt niet op muntjes, je maakt koffie en betaalt bij de kassa. Handig want ze gaan om 7:00 ’s morgens open…. De basics zijn voorzien.

We zijn in Schotland: 7) Kamperen tussen de kippen

Vrijdag 11 augustus – Naast de Catrine Ice Cream Parlour

(Yes! Een kleinzoon vannacht geboren).
Hoe waren we hier gekomen? Eerst weer een snelwegrit, de M6 naar Carlisle. Niet zo druk als eerder in het industrie gebied, toch niet echt fijn rijden. Vrachtwagen chauffeurs hebben weinig geduld. Bij het eerste invoegen raken we gescheiden. Ad rijdt dan minder hard zodat ik bij kan komen. Meteen gaan 2 big fellows hem voorbij. Uren hebben ze op 2-3 sec. afstand voor ons gereden. Later een bochtige 2-baans slingerweg, de A76 volgens Ad. Tegen de inhalers is weinig te doen, of ik zou mijn motor aan het achterlicht van Ad’s BMW vast moeten maken. Ik houd een minimale afstand. Soms iets meer omdat ik langzamer naar beneden rijdt dan Ad en daar rammen deze testosteronrijders hun auto ‘gewoon’ tussen. Er was er zelfs een van plan om ons alle 2 in een keer in te halen. Dat bleek een slecht idee, slippend op het asfalt kwam hij er toch maar tussen ons. Drukkend en wachten op de volgende kans.

Bij Sanquhar tearoom pauzeren we. Ik ben helemaal kapot. Pijn in mijn nek van de rijwind op de snelweg en de bochtige wegen zijn heel inspannend rijden. Er zou in Sanquhar een camping zijn. Op aanwijzingen van bewoners volgen we een uitvalsweg en ja daar staat het bord onderaan een klein kronkelweggetje. Ad rijdt er wel even alleen naar de receptie. Geen plaats voor tenten, maar we kregen een nieuwe tip: naast de Catrine Ice Cream Parlour, ongeveer een kwartier rijden. We vonden het zonder problemen. Bord camping stond er. Heel veel lege sta‑caravans. Geen levende ziel te bekennen. Bijna waren we weg gereden toen er een man aan kwam die bevestigde dat we konden kamperen. Maar het was zijn moeder die er echt over ging. Uiteindelijk vonden we de “Lady‑of‑the‑house” tussen een paar vervallen schuren/gebouwtjes. Een dame op leeftijd, heel aardig. Ze kwam gelijk met de prijs £5,- Daar deden we het voor. Het gras was keurig gemaaid, zoals het hoort op een Britse camping en er was een wc/douche. Ik ben nooit zo kritisch over het sanitair, als het er maar is. Deze instelling had ik hier zeker nodig. Wc had ik allang gebruikt aangezien ik met hoge nood de camping was komen oprijden en bij de zoektocht naar the Lady of the house de wc al gevonden en gebruikt had.

Heerlijk rustig stonden we daar op een leeg veld met vnl. lege stacaravans. Eindelijk een keer koken (nou ja koken, ravioli opwarmen) bij de tent. Terwijl ik een appel sneed en at werd ik door een paar wildvreemde ogen kritisch bekeken, er liepen drie kippen. Echte Barnevelders leghennen.

Het geluid van regen op de tent maakt me wakker. Gelukkig zie ik op mijn smartphone dat het regenfront bijna voorbij is. Het wordt zo droog. Koffie wil ik bij de Ice Cream Parlour halen. 10 uur gaan ze open. Ad jaag ik zijn bed uit, ik wil droog inpakken! Het lukt hij komt eruit. Op het dak vd schuur verzamelen de zwaluwen zich. Er zitten heel wat jonge vogels bij die twitterend en fladderend voer eisen van hun ouders.
9:42 zijn we klaar. Wachten we op de koffie? Ik besluit te gaan vragen of we vast een koffie kunnen scoren. De deur staat open en super vriendelijk vraag ik of we alvast mogen bestellen? Het mag. Twee Americano’s zetten we weg en bij het afrekenen spreek ik nog eens mijn waardering uit voor de flexibele opstelling.

We zijn in Schotland: 6) Kleinzoon#3

Vrijdag 11 augustus ’17
Naar Scotland gaan levert kleinkinderen op! Vorig jaar november in Glencoe hoorden we van kleine Quint. Vannacht is kleinzoon#3 geboren. Nee, hij heeft nog geen naam. Mijn zoon wil zijn kinderen eerst zien voor ze een naam kiezen.

(We zijn een paar weken verder. Aiden Kai is zijn naam.)

Cows on the road

School St, even buiten Port Charlotte.

School St, even buiten Port Charlotte.

De volgende morgen doe ik gelijk mijn wandelschoenen aan, rugzak om en verlaat de camping. Zonder koffie, het meisje dat het café exploiteert heeft wel een kaartje in het raam staan dat ze vanaf 9:00 open is, in de praktijk is ze er nooit voor half 10 en voor je een kopje koffie van haar geserveerd krijgt….. Het weer is helemaal fantastisch. Ad heeft andere plannen. Hij wil naar Bruichladdich, Kilchoman en Bunahabhain (de kenner herkent hier drie heerlijke whisky’s). Met de kaart in de hand besluit ik de onderste punt van The Rinns, het westelijk schiereiland van Islay te gaan doen. Het is een pittige afstand, maar er staan weinig wegen op de kaart. Misschien omdat er weinig zijn?

Alsof ze nog nooit een wandelaar gezien hebben....

Alsof ze nog nooit een wandelaar gezien hebben

Alsof ze nog nooit een wandelaar gezien hebben

Grappig, zo fris en uitgerust op de vroege morgen lijkt School St veel mooier dan de dag ervoor toen ik helemaal gaar terug naar de camping sjokte. Heerlijk in gedachten loop ik verder. Ik ben er helemaal aan gewend om alleen te lopen. Ik kijk waar ik naar wil kijken, sta stil waar ik het nodig vind. En vooral: ik ben stil. Niemand die mijn rust met geklets verstoort. De verbaasde blik van de koeien doet me opnieuw vermoeden dat er hier weinig wandelaars zijn. Ik loop verder en geniet van de stilte. Afwisselend in mijn eigen gedachten en genietend van de uitzichten.img_9242

img_9249img_9254Na iets van 7 km kom ik op een naamloze weg, die loopt naar het zuiden. Waarschijnlijk heeft de weg geen naam nodig omdat er maar één weg is? Het wordt steeds warmer. Fleecevest zit allang in mijn rugzak.

Niet mijn beste foto maar de enige waar de stier op stond voor hij een zijpad in gedirigeerd werd.

Niet mijn beste foto maar de enige waar de stier op stond voor hij een zijpad in gedirigeerd werd.

Opeens zie een groep koeien op de weg. Waren het maar koeien, als ik goed kijk zie ik dat er een grote stier voorop loopt. Hmm. Terwijl ik sta te piekeren of ik daar veilig langs kan lopen komt er een klein bestelautootje aanrijden. En voor ik het goed en wel door heb wat er gebeurt, heeft de boer rijdend in de auto met het bewegen van zijn portier de stier een pad in gedirigeerd. Oké!

De koeien weten ff niet waar ze heen willen.

De koeien weten ff niet waar ze heen willen.

Terwijl de stier langzaam en traag verder het pad op sjokt, staan de koeien verbaasd stil op de weg. De boer komt naar me toe en maakt zijn excuses voor de stier-op-de-weg. Hij had ergens een hek open laten staan;
“and the bull went for a wobbling!”
Ook hij vraagt waar ik heen wil en of ik een lift wil.
Nee, ik ben aan het wandelen.
“Waarheen?”
“Nou van Port Charlotte via Kilchiaran naar Port Charlotte.” Ik zie hem mentaal de kaart van Islay bekijken en hij begrijpt mijn plan.
“Ah, a roundabout!”
Later als ik bijna bij de camping ben zie ik hem in zijn bestelautootje weer voorbij rijden.

Een afsteek?

Een afsteek?

20160815_123407bHalverwege de middag kom ik een bord tegen bij een weg die niet op de kaart staat. Nou ja weg, een verhard karrespoor. Bordje erbij met een plaatsnaam die me bekend voorkomt, hij staat op mijn kaart, aan de oostkust van het schiereiland. Een afsteekweg? Doen? Ik heb geen zin in verdwalen maar dit kan niet misgaan. Ik ga ervoor en het blijkt een prachtig weggetje door een stuk bos. Het plaatsje waar ik uitkom, Octofad is zo klein dat ik er geen Horeca vind. Zonder koffie loop ik de A847 terug naar de camping.

 

 

“Are you really walking to the Beach?”

 

20160813_20373720160813_203446Ad kan er geen genoeg van krijgen, hij wil alle belangrijke whiskey producenten langs. Voor mij hoeft het niet meer. Ik ga wat anders doen: wandelen. Echte wandelroutes met bordjes en paaltjes zijn er niet op Islay, volgens de Tourist Info.

Volgens Pocket Walking Guide 24 – Islay, Jura & Colonsay, is er een wandeling op ons stuk van het eiland. Ook deze begint met; 161006“Drive 4 miles west from the junction at Bridgend on the A847, then turn right onto the B8018 (Kilchoman) and continue for a further couple of miles to reach a junction, with a sign pointing left of the cemetry. Keep straight on at this point to reach the car park behind Machier Bay”.

Met de auto naar een wandeling? Ik besluit het allemaal te gaan lopen. Pittige wandeling, precies waar ik voor kwam. Ik geniet van het mooie weer en de uitzichten. Andere wandelaars zie ik niet. Alleen mensen in auto’s. Soms stoppen ze even.

20160814_144450

Haddock Chowder is populair op Islay. Heerlijk!

20160814_114008

De weg vanaf de camping en Port Charlotte

“Are you really walking to the beach? Or do you want a ride?” Duidelijk, wandelen is op Islay niet populair. Onderweg passeer ik distilllery Kilchoman. Goed voor een kop soep in het restaurant.

Uren later op het strand (een slordige 15 km verder)  wordt ik door een ander echtpaar aangesproken.
“Did we see you in Bruichladdich earlier?” als ik het bevestig krijg ik van beiden een ooht en aaht over de afstand die ik afgelegd heb, ongeveer 15 km. Ik ga verder opzoek naar het pad. Net als in Oban gaat de route door een mooi stuk peat land. Heel afgelegen, ruig en modderig. Het kost me veel moeite om de voeten droog te houden. Evengoed is het genieten. Thuis kan ik ook wandelen wat ik wil maar dit soort uitzichten …… hebben we in Zwolle nergens.

20160814_160602

Hier laat ik het strand achter me.

Ook op dit pad veel modderpoelen.

Ook op dit pad veel modderpoelen.

Zo heerlijk weer en ik kook weer bij de tent. Ad heeft ergens heerlijke tortellini’s en een zakje geraspte cheddar gekocht. Dessert: Whisky bij de tent.

Eindelijk droog!

20160813_173509Eindelijk was het eindelijk droog geworden. Yes, de volgende zaterdagmorgen was het nog steeds droog. Het uitzicht werd beter, mooier en we konden veel verder over het water kijken.

Ik kon het haast niet geloven. Na het geweldige ontbijt (te veel en te lekker) gingen we naar de camping aan de overkant, Port Mor. Het arme verzopen tentje werd aan de oever van Lochindaal te drogen gezet. Wij hadden een doel: Bowmore en wel de tour. Het weer gaf aan het rondrijden een heel andere dimensie. Islay is een overrompelend prachtig eiland met heel veel peatlands.

20160813_16514420160813_165129Bowmore is mijn favoriete Islay whisky en de toer was boeiend. Voor het eerst maakte ik een Whisky memorabilia aankoop: een echte Bowmore pet. Door naar Lagavulin: helaas vol voor vandaag En naar Ardbeg: ook vol. Wel konden we in het restaurant een heerlijk soepje scoren, de Haddock Chowder. Laphroaig zit in het zelfde straatje en daar dacht Ad eraan om zijn jaarlijkse pacht voor zijn square foot peatland die hij in bezit heeft en aan Laphroaig ‘verhuurt’. 20160813_201510

Terug op de camping lag de tent plat tegen de grond. Ik vreesde dat de tentstokken gebroken waren …. zo erg was het niet. Deze tent is niet zomaar kapot te krijgen. Door de harde wind waren de stokken verbogen. Er zat niets anders op dan de tent aan de andere kant, in de luwte van de speeltuin opnieuw op te zetten. 20160813_184653 

Eindelijk kon ik weer eens koken bij de tent. Een beproefd menu van gebakken worstjes, tikka massala saus en rijst. Geserveerd met een frisse salade. Dessert: whisky bij de tent.

Regen, Dunstaffnage Castle and the Grand Platter

Als ik woensdag morgen opsta is het droog. Ik ga net als gisteren meteen op stap. Wandelschoenen aan, rugzak om. Ik neem het naamloze weggetje dat de Gallanach Rd met de Glenshellach Rd verbind.

Dit heerschap kwam ik tegen op het naamloze weggetje. Kalmpjes ging hij verder met zijn ontbijt terwijl ik mijn camara te voorschijn haalde.

Dit heerschap kwam ik tegen op het naamloze weggetje. Kalmpjes ging hij verder met zijn ontbijt terwijl ik mijn camara te voorschijn haalde.

Steil omhoog gaat het over de heuvels en daarna langs Roseview Caravanpark, de camping waar we kampeerden toen we voor het eerst in Oban waren.

Aangekomen in Oban regent het. Mooi moment voor Koffie bij Costa. Gelijk ff de wifi gebruiken met mijn smartphone. Het lukt niet: zonder een ‘valid UK number’ kom je de wifi van Costa niet op. Mij zien ze daar niet meer. Mijn regencape is behoorlijk aan flarden, het materiaal is duidelijk niet bedoeld om vaker dan een keer gebruikt te worden. Bij een Sports Shop koop ik een degelijker exemplaar en 2 paar nieuwe wandelsokken en ik ga nog een keer proberen om Dunstaffnage Castle te bereiken.

Het pad vanaf Oban Beach naar Dunstaffnage Castle.

Het pad vanaf Oban Beach naar Dunstaffnage Castle.

Ik kom een heel eind. Ik weet waar het pad begint en ik ben nieuwsgierig om uit te vinden hoe het verder gaat. Helaas weer gaat het regenen. Ik negeer dat geruime tijd. Ergens bij een zalmkwekerij maak ik rechtsomkeert. Dunstaffnage Castle zal moeten wachten tot een andere gelegenheid.

Het pad was zonder meer erg modderig. De stenen bleken een uitkomst bij het het vermijden van de plassen.

Het pad was zonder meer erg modderig. De stenen bleken een uitkomst bij het vermijden van de modder poelen en plassen.

20160810_152006bIn de regen loop ik terug naar Oban. Ad vind ik in de Corryvreckan. Hij zat  daar ook te wachten of het droog zou worden. Het blijft regenen. Ach, wat kan een beetje regen schelen als je de ‘Grand Platter’ bij de ‘Oban Seafood Hut’ kunt gaan scoren? De dag ervoor waren ze op, vandaag willen we er op tijd bij zijn.

The Oban Seafood Hut

The Oban Seafood Hut

Een grand platter vol heerlijks uit de zee voor maar £27,50. Wat kan het dan nog schelen dat het regent?

Een grand platter vol heerlijks uit de zee voor maar £27,50. Wat kan het dan nog schelen dat het regent?

Lopen naar Oban en verder.

Gallanach Rd, Oban

Gallanach Rd, Oban.

Dinsdag is grijs en droog. Oban kennen we, we rijden blind naar de Co-op en als die midden in een verbouwing blijkt te zitten, hup net zo makkelijk door naar de Tesco. Echt gewandeld had ik er nog nooit, ik neem gelijk mijn kans. Geen andere plannen en het is droog, twee zaken die zo kunnen veranderen. Schoenen aan, rugzak mee en ik ben weg. Gallanach Rd loopt langs de camping naar de Zuidkant van Oban. Deze weg hebben we al vaker met motor en auto gereden. Nooit was mij opgevallen dat het weggetje zo smal is dat ik zelfs als voetpadder bij een passing point moet wachten om breed uitgevallen auto’s en campers voorbij te laten.

Ik had zo naar Kerrera kunnen varen

Ik had zo naar Kerrera kunnen varen.

Halverwege spot ik zelfs een veerpont naar Kerrera, het eiland aan de overkant. Ik had een boekje over wandelen op Oban. Op zich een leuk idee ware het niet dat veel beschrijvingen beginnen met:
“Rijd met de auto naar de parkeerplaats bij het strand voorbij punt X. ” Eerst autorijden is niet mijn stijl van wandelen. Te voet dus vind ik na een paar uur het begin van het wandelpad. Op dat moment begint het ook te regenen. Goed moment om terug te gaan Dunollie Castle, met wat doorlopen ben ik ruim op tijd voor een koffie & Brownie voor de rondleiding van 14:00. Een leuke gids verteld veel over de geschiedenis van de Clan MacDougall. De toren blijkt nog veel ouder. Wie of wat Ollie was is tot nu toe onbekend.

Dunollie Castle

Dunollie Castle

Uitzicht vanaf Dunollie Castle blijkt van strategisch belang.

Uitzicht vanaf Dunollie Castle was van strategisch belang.

Aan het eind v/d middag begin ik aan de wandeling terug naar de camping. Niet via Gallanach Rd. Mijn boekje vermeldt een pad hoog over Pulpit Hill. Volgens het boekje zou het op de borden staan ….. ik had het nog nooit eerder gezien. Zou dat zijn omdat we er te snel langsrijden? Ik ga braaf op zoek, tevergeefs. Gelukkig vind ik op andere aanwijzingen toch de trap naar boven. Als ik de woonwijk uitloop wordt het schilderachting mooi. Ik geniet van de uitzichten links en rechts van me. Enig minpuntje: volgens het boekje is het pad ‘slightly muddy’. Understatement van de eeuw. Ik ga hier en daar bijna kopje onder.20160809_190011

 

 

 

Oban revisited.

Zondag 7 augustus
Na de Tattoo was ik helemaal klaar met Morton Hall. Prima camping als je in Edinburgh wil kamperen. Met de bus ga je zo de stad in. Verder was er niets te beleven. Zondag rijden we dapper weg. Er is een probleem: de harde wind van zaterdagavond is een heuse storm geworden. Rijden over de rondweg rond Edinburgh is voor ons op de motor een hachelijke zaak en we keren terug naar Morton Hall. Op Internet lees ik dat er een ‘Code Yellow weather warning’ van kracht is. Tevreden doen we een avondje niets.

Pauzeren doen we in Doune. Bekend van Doune Castle bekend van Monty Python and te Holy Grail. Recent bekend als Castle Leod in 'Outlander'

Maandag pauzeren doen we in Doune. Bekend van Doune Castle bekend van Monty Python and the Holy Grail. Recentelijk is het kasteel bekend als ‘Castle Leod’ in ‘Outlander’. Heerlijke Asperge & Peas & Mint soup, heerlijk.

Op maandagochtend vertrekken we opnieuw, de wind is grotendeels gaan liggen. Oban is ons volgend doel. Een leuk klein stadje aan de Westkust. We waren er al vaker. Vorige keer kwamen we per boot aan, daarvoor per trein. Het is alweer een paar jaar geleden dat we per auto aankwamen, dat is wellicht de reden dat de A85 nieuw lijkt. Onderweg zag Ad het bordje ‘Visitor Centre” van ´the Hollow Mountain´ voor het eerst. We zijn net op tijd voor de laatste rondleiding van de dag. Het is dat Ad al meermalen de principes achter deze Quick Response plant uitgelegd heeft, als ik het alleen met het verhaal van de twee moeilijk te verstaanbare gidsen had moeten doen had ik er niet veel van begrepen. We zijn de laatsten die de parkeerplaats afrijden, achter ons word het hek dicht gedaan.

Begin v/d avond komen we aan en krijgen we een plek op de ‘Oban Camping and Caravanning Park’. In een stralend zonnetje zet ik de tent op. Ooit deden we dat samen maar dat is niet zo goed voor ons huwelijk. Tent opzetten vind ik leuk, daarom is dat mijn taak geworden, Ad is verantwoordelijk voor het luchtbed.

Uitzicht over de camping bij Oban

Uitzicht over de camping bij Oban

IMG_9097

Huidig luchtbed heeft 2 kamers. het idee erachter is dat als een slaper opstaat het luchtbed onder de uitslaper net zo hard blijft….

Onderweg naar Morton Hall Edinburgh

20160805_080454vrijdag 5 augustus
In de nacht moet ik piesen. Ik zie een zwarte labrador duidelijk op zoek naar eten. Bij de camper van de buren is hij druk bezig met de voerbak van de buurhond. Later vraag ik de buren of er misschien nog hondenvoer lag? Nee, dat was onmogelijk buurhond liet nooit iets over. De zwarte lab liet via het hondenrondje verder. Hij leek lief. Geen baas verder te bekennen.
20160805_080236Bij opstaan regent het. Tussen de buien door met de spiritus brander koffie gemaakt. Humeur van Ad is onder nul. In Dunbar gaan we voor een koffie en ik scoor er een BLT sandwich bij. In de bibliotheek Oban geprobeerd het e-mail account van Ad te deblokkeren. Tevergeefs.

We hadden kaartjes voor de Edinburgh Tattoo. Ad had thuis iets gezien op youtube en moest en zou er heen. £45,- pp kon hem geen ruk schelen. De rest van de vakantie hebben we er omheen georganiseerd. Dwz, hij vond op Internet een stadscamping in Edinburgh, Morton Hall en, helemaal op dreef reserveerde en betaalde 2 nachten van te voren. Zaterdag gingen we naar de Tattoo, vrijdag gingen we naar de camping. Ver was het niet vanaf Dunbar. In de buitenwijk stond de camping zowaar duidelijk aangegeven op de borden.

https://lothianbuses.co.uk/timetables-and-maps/timetables/11
Hoe moesten we vanaf de camping de binnenstad bereiken? En nog veel belangrijker hoe kwamen we zaterdagnacht weer terug? Receptie gaf ons een folder met de dienstregeling van lijn 11. Die ging langs de camping de stad in en weer terug. We gingen het meteen uittesten. De bushalte voor de ingang van de camping was van de bus uit de stad. Maar de halte aan de overkant was niet te zien. Er was ook een groepje blondjes op weg naar een feest, uniform in zwarte rok, witte bloes en een roze sjerp. Volgens hen moesten we rechtsaf, een van hen had het gevraagd. Zeker 1½ km verder nog steeds geen bushalte. Wij hadden normale schoenen aan maar de meidenparty liep op wankelhakjes. Ze gingen steeds langzamer. Zelfs Ad liep ze eruit. Eindelijk kwamen we een andere voetganger tegen. Ja, inmiddels konden we beter doorlopen zei hij, maar vanaf de camping was het linksaf 200 m rechtsaf 2 km. Eindelijk kwam de bushalte in beeld, de meidengroep (van ± 40 jr.) hadden we al achter ons gelaten. Yes en toen de bus. Vanwege de overvallen kun je als je contant betaald alleen gepast betalen en je geld verdwijnt gelijk in een of andere ingebouwde kluis bij de chauffeur. Hij doet er niets mee. £1,60 pp bracht ons in de stad.

Het Edinburgh festival was in volle gang. Twee keer dachten we dat we de rijen voor de Edinburgh Tattoo ergens zagen maar stonden mensen voor een ander feest in de rij. Het was ff zoeken voor we de juiste plek gevonden hadden. Verder vragen leverde op dat er nachtbussen gingen, elk uur vanaf het moment dat de reguliere bussen niet meer gingen. Wauw! Alles in kannen en kruiken.
Terug op de camping regende het. Goede reden om in het restaurant naast de camping te gaan eten. We hadden geen grote trek. Ad zag op de kaart dat ze een grote en een kleine Fish & Chips verkochten voor £ 5,95. Dat bleek nog een hele hap.
Toetje: whisky bij de tent.

Wauw! Weer een prijs gewonnen met de Kroeg Quiz

Elke zondagavond gaan we quizzen. Omdat we met zijn tweetjes zijn en de andere teams vaak 4-5 pers (5 is de max) bestaan scoren we doorgaans niet zo hoog. Onze zwakke plek? De muziekronde. In de muziekronde komen 10 fragmenten voorbij. Vaak zijn er zeker 6 totaal onbekend, afkomstig uit de jaren dat wij niet meer uit gingen. Af en toe zit er een gouwe ouwe tussen of herken ik een stem en halen we een puntje.

De kwaliteit van de haringen beloofde niet veel goeds. Hoe zou de rest van de tent zijn?

Twee weken geleden, Lees verder