Cochem III

Op zondagmorgen ging ik het nog één keer proberen. Terug naar de Reichsburg, terug naar het wandelpadbord daar en dan gewoon zoeken. Wie weet ging dat nog wat opleveren nu ik zeker wist dat het pad er moest zijn.

Hier moest het zijn, ik wist het zeker.

Het bordje wees naar een trap naar beneden. De twee jongens die me gisteren al bij het Pinner Kreuz omhoog steeds voorbij gingen (om daarna weer naar pap mams en zus lief terug te lopen), gevolgd door de rest v/d familie. Zij hadden het zelfde doel en al ontdekt dat het spoor onderaan de trap dood liep. Fijn! Ik zag een trap rechtsaf naar boven en in de verte zag ik een bordje staan, natuurlijk dat was het volgende bordje dacht ik optimistisch.

Een steil en modderig pad gewoon terug naar het beginpint. Rondje vd zaak noemen we dat thuis. Hoewel, toen ik daar weer stond te kijken ontdekte ik een bordje in een heel andere stijl, houtsnijwerk. Misschien hierin dan?

 

Ik had geluk! Dit was Het pad tussen de Reichsburg en Antoniuskopf, langs de Hubertushöhe. Hoe hoog die laatste lag daar had ik nog geen idee van. Het was mooi, ik vond alle aanwijzingen en liep lekker verder. Ergens moest ik omlaag en links zag ik door de bomen heen een hoge wand opdoemen. “Erg hoog!” dacht ik nog. Mijn pad ging omlaag dus……ja omdat er beneden een stroompje met een bruggetje was. Daarna werd het een stuk haarspeldbochten, fiks omhoog de berg die ik net gezien had. Af en toe concentreerde ik me op het pad alleen, keek ik liever niet verder. Op naar de Hubertushöhe.

Wauw! Kom hier maar eens om in Nederland…. Later op de route vond ik het punt bij Antoniuskopf waar ik gisteren het pad kwijt raakte. Ik was een breed karrespoor opgestuurd. Dat ik 10 m verder gelijk weer rechtsaf moest tussen de bomen door had ik niet gezien.

Voor wie voortdurend heel goed kijkt is het duidelijk! Rechtsaf…

Wordt vervolgd,

Advertenties

Cochem II

Het pad ging zonder meer in de goede richting. Smal eng slingerend en akelig steil naar beneden. Zo steil dat ik hier en daar zittend naar beneden kroop. Halverwege een bankje met uitzicht op Cochem en Reichsburg beneden en het Pinner Kreuz boven. Ik zat heerlijk tot ik een wesp 2x groter dan ik gewend ben rond mij en mijn peer begon te cirkelen. Peer en bank verliet ik en gzd was dat giga wespen exemplaar daarna ook verdwenen.

Ik was al eerder in Cochem en herkende de Endertstrasse toen ik beneden aankwam in de bewoonde wereld. 10 m verder was de Sesselbahn, waarmee 99 v/d 100 bezoekers boven het Pinner Kreuz bereiken. Ik liep over de parkeerplaats, negeerde de rij en ging gelijk door naar het bruggetje over de Endert en het pad naar boven.

Het ging akelig steil omhoog, zo steil dat ik liever niet achterom keek en me afvroeg hoe dat moest als ik weer naar beneden wilde. Ik heb hoogtevrees, en dat is vaak vooral een probleem als ik weer naar beneden moet. Zwetend, het was inmiddels warm en het pad lag op de Zuidhelling, ploeterde ik door naar boven. Achter mij een gezin met drie kinderen waarvan er 2 mij beurtelings voorbij gingen en dan weer terug gingen. Sommige kinderen hebben veel te veel energie!

Naar beneden nam ik samen met Ad de Sesselbaan. Met frisse moed ging ik terug naar de trap waarmee ik het pad had verlaten. Waar verwezen de bordjes die ik onderweg gezien had naar toe? Gewoon uitproberen is een methode met verrassende resultaten. Het was 13:55 en het weer was geweldig.
Uren lang ging het goed. Op de bordjes stonden namen v/d bestemmingen, op mijn grote overzichtskaart kon ik zien of ik nog de goede kant op ging.

20171014_152339

Hier staat Antoniuskopf nog bij de bestemmingen…


Rastplatz Antoniuskopf was de laatste plek waar ik de bordjes gezien had. Reichsburg zou nog 3,6 km zijn, een mooie afstand om mijn wandeling af te ronden.

20171014_160332

En hier was Raztplatz Antoniuskopf verdwenen?

20171014_160341

Iets lager op de paal dit bordje.

Tot het pad bij een grote weg uitkwam. Ik keek meer dan een keer goed om me heen naar een bordje ……. nergens! Ik wist niks beters te bedenken dan de autohaarspeldbochtenweg naar beneden te volgen terug naar Cochem. Ik kwam uit op een punt waar ik eerder geweest was, bij een voetbalveldje en een huisje er naast.
Wordt vervolgd,

20171014_163501

Bijna terug bij het Gästhaus!

Cochem I

Skyline van Cochem


Nu de pijn in mijn enkels wat minder is kan ik er over schrijven. Vorige week waren we een weekendje weg, zodat jongste zoon zijn verjaardag zonder ons kon vieren. Ons doel werd Cochem, een stadje aan de Moezel waar Ad in zijn jeugd vaak vakantie gevierd heeft. Ik was er voor de 4
e
of 5e keer. Met name de heerlijke wijn heb ik leren waarderen. Het is een mooi stadje. De eerste keren hebben we vooral de stad zelf bekeken. De voorlaatste keer gingen we om mijn vers gehaalde motorijbewijs te vieren en we hebben we heerlijk en minder heerlijk rond getoerd.

Nu wilde ik gaan wandelen. Nog voor ik over voorbereiding nagedacht had suggereerde Ad dat ik bij het Pinner Kreuz omhoog kon wandelen. Nou ja wandelen, dat is gelijk een pad uit de klimgeitencategorie maar ik vond het een goed idee. En daarna zou ik het wel zien!

Zaterdagmorgen – Ons Gästhaus Andreas stond vlak onder de Reichsburg, een fraai kasteel dat de skyline van Cochem domineert. Aanvankelijk wilde ik daar nog wel een rondleiding doen. Ad had een ander doel, met de trein door de Kaiser Wilhelm tunnel (4205 m) door de berg. Hoewel hij al eindeloos vaak in Cochem geweest was, was hij nog nooit met de trein vertrokken of aangekomen. Opeens voelde dat als een gemis.

Onder aan de Reichburg vond ik een bordje voor wandelaars! Yes, daar ging ik. Streep door mijn Reichsburgplannen koos ik de richting die naar het Pinner Kreuz wees. Hopelijk was er een pad door het bos, i.p.v. door het stadje? Afijn geen verder bordjes. Dapper haalde ik mijn roestige Duits van stal en aan zeker 5 Cochemers heb ik het gevraagd. Jawel, het kon bovenlangs naar het Pinner Kreuz, jawel er was een wandelroute maar zij zelf gingen daar nooit wandelen. Een man heeft me een route gewezen, die ik al snel kwijt was en daarbij moest ik tussen een voetbalveld en een huisje door naar het pad.

Het enige houvast bleef het Pinner Kreuz dat bijna overal in Cochem zichtbaar is. Uiteindelijk liep ik op een uitvalsroute het stadje uit. Om de hoek zag ik het voetbalveldje en een onduidelijk hok/huisje ernaast met een weg ertussen door. Wie weet ging ik goed? 100 m verderop werd ik beloond. Hier kruiste de grote weg het wandelpad.

Ging dit pad naar het Pinner Kreuz? Er was maar één manier om erachter te komen…..
Het kon me eigenlijk niet zoveel schelen. Over dit soort paden wandelen is eindeloos…..
wordt vervolgd,

 

De Amsterdamse Waterleidingduinen II

Dit paaltje had ik woensdag over het hoofd gezien. Met name het wit met roze (ooit rood) kruis waardoor ik had moeten begrijpen dat ik hier niet rechtdoor moest heb ik echt niet gezien.

Ipv van het volgende stuk langs het Nederlands Kustpad had ik op donderdag meer zin om het stuk door de Amsterdamse Waterleidingduinen nog een keer te doen. Met een echte camera, want de foto’s die met mijn smart Phone van de hertjes gemaakt had ….. die waren het niet helemaal/helemaal niet. Zo vaak zijn we niet in Noordwijk-aan-Zee.
En ik wilde weten hoe het kwam dat ik zo gigantisch verdwaald was. Een klein stuk was dus helemaal nieuw voor me. Ik bleef me verbazen over het bijzondere landschap. Afwisselend weids en dan weer een stuk duin bos. Het was zeker de moeite waard om het nog een keer te wandelen. We zijn allang weer thuis en nu ik naar de foto’s kijk zou ik zo weer door de duinen willen dwalen.

de eik waar Paulus woont kwam ik ook nog tegen.

 

De Amsterdamse Waterleidingduinen

De volgende dag, een dinsdag ging ik in Noordelijke richting. Na een paar uur kwam ik in de Amsterdamse Waterleidingduinen. Het was woensdag en ik zag er niemand. Vooral niet toen ik na een tijdje een blauw-kop-paaltje miste, niet zoals de bedoeling was rechtsaf ging maar ijskoud rechtdoor liep. Ongetwijfeld verdiept in mijn eigen gedachten. Ik kwam op een prachtig eindeloos pad, dat af en toe verhard was en dan weer niet en het ging slingerend door de duinen eindeloos door. Ik had na 800 m rechtsaf gemoeten en na een paar km wist ik wel dat ik fout zat. Maar, wat was het er mooi! Ik heb 40 jaar op de Veluwe gewoond maar nooit zoveel herten gezien als deze dag in de duinen.Een uur later stond ik op een 5-sprong. Ik zat verkeerd dat wist ik maar hoe nu verder? Met boek, kaart en gps v/d smart phone zat ik alles te bekijken. Juist toen kwam er een jogger voorbij die opmerkte dat ik “toch niet verdwaald was?” jawel, dat was ik wel en hij kwam even naar de kaart van het boek kijken. Hij had geen idee. Welke kant op naar de Zweefvliegbaan? Dat wist hij wel, ik moest rechtsaf. Dat pad leidde met naar het hek rond het vliegveldje. Links of rechts? Het moest links zijn en toen kwam alles goed.

Achter het hek lagen deze damherten

Nu ingezoomd

“Back on track!” Hier vond het spoor van de rood-witte markering weer terug

Noordwijk-aan-Zee

een stuk van de Atlantikwall.

Vorige week waren we een paar dagen in Noordwijk-aan-Zee. Een eenpersoonskamer met een twijfelaar en zeezicht (en met het raam open het geluid van de branding). Ik heb voornamelijk gewandeld. Ik ging voor een stuk van het Nederlands Kust pad. Eerst naar het zuiden. Een km of 10 – 15 dacht ik en dan het openbaar vervoer weer terug. Echter, voor ik in de buurt kwam van een station of bushalte was ik al in Den Haag. Jawel, ik liep van Noordwijk Strand, via Katwijk naar Den Haag Centraal en niet via de kortste weg. Iets van 28 kilometer. Het was een prachtige dag. Duinlandschap kennen we niet in de buurt van Zwolle, ik heb genoten. De trein naar Leiden Centraal en vanaf daar de bus bracht me weer in Noordwijk

Het monument op de Waalsdorpervlakte

 

The Forth Railway Bridge

Clermiston tower, Edinburgh.

Ma 27 mrt – Ook het verlaten van Edinburgh gaat via een soort van groene corridor. Langs een mooi pad gaat het omhoog. Corstorphine hill gaat eindeloos lang omhoog tot ik bij Clermiston Tower ben.

Halverwege de middag vind ik eindelijk horeca. The Brig in Cramond. Ik vraag een plekje met een stopcontact en dat wordt me aangewezen. Echter, de serveersters lopen af en aan maar de eerste 15 min komt er niet een op het idee te vragen wat ik zou willen. Uiteindelijk weet ik de aandacht te trekken en kan ik een koffie bestellen.

Een van mijn doelen onderweg toen ik thuis besloot een stuk van de John Muir Way te gaan doen was de Forth Railway Bridge. Die hebben we al vaker bekeken, vanuit de auto en vanaf de motor. Vanaf South en vanaf North Queensferry. Het leek me helemaal tof om er lopend onderdoor te gaan.

 

Een eerste blik op de Forth Railway Bridge.

 

Dwalen door Edinburgh…

Di 28 mrt. – We laten het gezellige ‘Kick Ass Hostel’ achter ons en gaan ook voor het laatst naar station Edinburgh Waverly. Ik terug naar mijn station van gisteren, Slateford, Ad gaat naar Newcraighall om de auto op te halen. Vanavond in Kirkintilloch zien we elkaar terug. Bij het kaartje kopen wordt mij verteld dat mijn trein nu weg rijdt en dat over een uur de volgende gaat, damm. Met een Costa koffie en een boek wacht ik op mijn trein.

Ad had in de kroeg gehoord dat er op Edinburgh Waverly opnames gemaakt worden voor ‘Outlander’. Of het waar is? Salute als koffie keten bestaat in ieder geval niet.

Gisteren op zoek naar het station had ik beneden aan de Slateford road, de A70 een JM-bordje gezien. Handig leek me dat kon ik daar verder zoeken. Maar dat ene bordje wijst naar de weg naar het station en de weg terug naar het kanaal, en verder niets. Geen aanwijzingen de andere kant op. Er zijn plusminus 5 mogelijkheden, ik probeer ze allemaal en ik vind niks. De kaart die ik heb is niet gedetailleerd genoeg. Ad belt me en hij krijgt mijn frustratie helemaal mee. Ik kan het niet vinden en ik heb geen idee hoe nu verder. Terwijl ik pratend verder loop zie ik toch weer een klein JM‑bordje, naast een charmant zandpaadje dat schuin omhoog gaat. Hoopvol loop ik naar boven. Het gaat langs een paar huizen en het eindigt in een achtertuin. De frustratie wordt me teveel. Ik lees het boekje dat bij de kaart hoort nog eens en zie een telefoonnummer en dat bel ik. 1000 belminuten heb ik tegoed toch? Ik krijg de schrijfster zelf aan de lijn. Nee, zij is niet verantwoordelijk voor de bewijzering. Ik sta bij een heel drukke weg en ze kan me nauwelijks verstaan. Zie ik een aquaduct? Ja, ik zie die van het kanaal. Oké, dan moet ik de 87 treden omhoog en dan linksaf. Dat ga ik doen.

Het zijn er amper 25. Boven ben ik terug bij het Union Canal. Ik kijk naar links en twijfel. Dat is terug waar ik gisteren ook was volgens mijn richtingsgevoel. Er komen drie doorgewinterde wandelaars voorbij. Ik loop ze achterna, overweeg om ze aan te spreken maar dan zie ik in de verte eindelijk twee JM-bordjes. Een wijst naar waar ik vandaan kwam en een wijst naar beneden. De 87 treden! Beneden loop een ander pad langs ‘water of Leith’. Zelfs een visitor center! Ik kijk even of ik er koffie kan scoren want daar ben ik wel aan toe.

Opgelucht dat ik weer verder kan. Kijk ik kan ook op de bonnefooi bij South Queensferry (doel v/d dag) zoeken en vinden. Maar het mooie pad langs ‘water of Leith’ had ik nooit gevonden, en hoe weet je of het de goede kant op blijft gaan?

Hier gaat de ‘Leith’ onder het Union Canal door.

Meer dan een uur later weer een versperring op het pad langs het riviertje. Ik raak aan de praat met iemand die er aan het werk is en die weet ‘hoe en wat”. Er is een omleiding, zij kijkt op mijn kaart en ziet dat ik de omleiding tot na de spoorbrug moet volgen en dan links verder. Het klopt. Overal JM‑bordjes. Ik vermoed dat ik in een ander district aangekomen ben.

Vrijwilligers werk om de omgeving in de stad op te knappen.

Husband Day Care Centre

ma 27 mrt – Ad had de pest in. Hij had uitgezocht waar en wanneer mijn trein aan zou komen en stond op me te wachten. Ik wist van niks, heb hem niet gezien en ben hem efficiënt voorbij gelopen. Tja.
Ik was in een controle terecht gekomen. Zonder kaartje, oops. Ik wist niets beters te vertellen dat ik op een station zonder kaartjes automaat, Slateford ingestapt was en geen conducteur gezien had. Even blijft het stil, dan mag ik doorlopen. Hoppa de Waverly bridge uitgang en weg naar de ‘Kickass Backpacker’.
We gaan niet zo duur eten als de dag ervoor bij ‘Mussels & Steak’. Mij maakt het niet zoveel uit, als er maar groente bij zit. Iets wat de Britten niet zo belangrijk vinden maar ik wel. Ik wil groen, veel en crunchy.

Hier wil Ad naar binnen, hij heeft zin in een pie. Ik lees de kaart. ‘Steak & Ale Pie’ staat er op en tussen de andere barmeals staat ook een maaltijd salade! ‘Smoked Salmon & Cream Cheese salad’. Hier gaan we eten. Altijd leuk eten in een pub.

Zondagavond in het hostel blijkt een stuk rustiger dan de zaterdagavond. Die nacht word ik wakker van de keelpijn. De gemene verkoudheid waar Ad al langer last van had heeft mij nu te pakken. Dankzij de pijnstillers die hij bij Tesco gevonden had kan ik verder slapen.

the Union Canal

ma 27 mrt – Eindelijk, achter een kantoorpand in verbouwing vind ik zomaar het eind, of het begin (geen idee) van het Union Canal. Echt het doodlopende eind met een paar charmante kanaalboten erin. Duidelijk is welke kant de route verder gaat. Ik vraag aan een agent aan welke kant het wandelpad loopt, hij stuurt me naar de overkant. Als ik omloop zie ik een terrasje? Dat hoort bij een Zweeds restaurant, ‘Akva’. Na uren weet ik eindelijk hoe ik verder moet, dus mooi moment voor een pauze. De soup‑of‑the‑day is in bestelling, tijd om bij te komen en aantekeningen in mijn dagboek te maken. Hmm ook hier wil mijn bestelling maar niet komen, na 25 min. ga ik vragen of de broccoli voor de soep nog geplukt moet worden? Sorry-sorry-sorry en na een paar minuutjes komt er een bord met soep, brood en boter. Yes!

Helemaal enthousiast ga ik er voor. JM-bordjes zijn er weer en het pad langs het kanaal lijkt me interessant.

Hier had ik uren naar gezocht, bordjes voor de John Muir Way.

Maar als ik me 180° omdraai zie ik dit…..

Het duurt niet lang, zeg maar heel kort. De gemeente heeft het pad geblokkeerd met hekken ivm met onderhoudswerkzaamheden. Op het hek staat een kaartje met een simpel omleiding. Zuchtend neem ik die op. Links – rechts – rechtdoor – en dan weer rechts terug naar het kanaal. Dat moet te doen zijn maar er klopt niks van.

22 minuten later na heel veel vragen “Sorry I don’t live here” loop ik eindelijk langs het Union Canal. Een uur lang loop  ik langs een stuk geschiedenis. Boten zie ik er niet. Wel veel andere wandelaars, fietsers, er wordt geroeid al is het kanaal amper breed genoeg voor een moderne (denk aan de roeiboten die het sportjournaal voorbij komen) roeiboot. Hardlopende schoolkinderen in sport uniform komen voorbij. Fanatiek zijn ze niet elke gelegenheid om stil te staan wordt benut. Tot ergernis van de sportdocent. “Keep running!”

Volgens de kaart ben ik vlakbij Slateford station waar ik de trein terug naar Edinburgh Waverly kan nemen. Dankzij Google maps op mijn smart phone (handig die locale simkaart. Internet doet het overal en die 1000 Mb data krijg ik nooit op in een week) zie ik dat ik het station aan het eind van de Allen Park Road te vinden moet zijn. Wow, dit station is wel met borden aangegeven, er staat zelfs een pijl in de richting waar de lopende reiziger heen moet.

Vaak is het voor de reiziger onduidelijk welk perron het juist is. Hier op Slateford is dat kristal helder!

Hmm hoe laat zou mijn trein komen?

Dit werkt als een tiet. Vraag gesteld, antwoord gekregen. Het was een eenvoudige vraag gelukkig.

Iets van half vijf komt mijn trein, vijf uur kom ik op Edinburgh Waverly aan, weer zonder kaartje. Wordt vervolgd,

 

 

Prestonpans – Edinburgh the Meadows. Dwars door de stad.

ma 27 mrt – ’s Morgens vertrekken we allebei van station Edinburgh Waverly. Ik neem de trein terug naar Prestonpans, om daar verder te gaan waar ik gebleven was, de 3e etappe van Prestonpans naar Edinburgh. Ad neemt de trein naar Newcraighall een P&R waar hij gisteren de auto achter gelaten heeft. Ad had thuis al ontdekt dat parkeren IN Edinburgh verschrikkelijk duur is. Auto in Edinburgh bleek zo ongeveer even duur als onze kamer….. vandaar dat hij op Internet al heel veel P&R mogelijkheden vond. In de kroeg werd Newcraighall aanbevolen. Met TomTom reed hij er zo naar toe.

Voetgangersbrug in Musselburgh

Het is de maandag na de eerste zonnige zondag/moederdag. Het is zo heerlijk rustig, ik kom alleen die-hard honden uitlaters tegen. Kilometers lang loop ik langs het strand. Het weer is goed, zonnig en fris. Genietend van mijn rust loop ik door de stille maandagochtend. Koffie vind ik in Musselburgh, in ‘The Quay’. Ze gaan 11:00 op en het is 11:03. Personeel zie ik er niet. De receptioniste, druk aan de telefoon moet blijkbaar alles alleen doen. 11:20 krijg ik op mijn speciaal verzoek mijn koffie!

Bij Brunstane Burn, een riviertje verlaat ik de kust en gaat de route verder over een pad langs het riviertje/beekje. Niet alleen het JM-pad gaat hier langs, op de bordjes staan diverse fietsroutes met naam en nummer genoemd. Heel landelijk gaan we de grote stad in. Alleen de JM-bordjes verdwijnen. De route wordt aangegeven door diverse fietsroute bordjes waar bescheiden JM-stickers op geplakt zijn. Het fietspad volgt een soort van groene corridor de stad in. Op de kaart kan ik zien dat ik allang in de grote stad ben, maar om me heen zie ik bomen, gras, de berg van ‘Arthur’s Seat’, geen huizen. Weinig mensen, het lukt zelfs om ongestoord een plas te doen achter en groepje bomen. Twee keer zie ik een grijze eekhoorn oversteken. Ik kan ze goed zien maar ze blijven natuurlijk niet lang genoeg zitten voor een foto.

Dit is midden in Edinburgh. En het gaat kilometers zo door, heerlijk!

Na een lange koude donkere tunnel (blijkt later de Innocent railway tunnel) geen JM-stickers meer. Op goed geluk loop ik verder op de aanwijzingen van de fietsroute bordjes. De stad in en ik kom bij mijn bestemming the Meadows uit. Het is nog vroeg. Geen idee hoe ik verder moet, ook geen idee hoe nu het backpacker hostel te vinden. Op de volgende etappe staat een stationnetje, Slateford. Als ik dat nou zou kunnen vinden. Dolend rond the Meadows zie ik een fietsroutebordje voor het ‘Union Canal’. Yes, dat ligt ook op de route voor de JM weg. Wow, ik vervolg mijn weg. Dwars door de stad, door woonwijken en langs hoge kantoorpanden. Tja, dat krijg als je door een hoofdstad loopt. Wordt vervolgd,

Backpackers Hostel ‘Kickass’

zo 26 mrt – Ik haalde de trein van 17:38 naar Edinburgh net, zonder kaartje. De ticketoffice van Prestonpans was al enige tijd geleden dichtgetimmerd en er was ook geen kaartjes machine. Gelukkig zijn ze in GB niet zo streng als in Nederland als je zonder kaartje in de trein zit. Dan vertel je gewoon waar je ingestapt bent en waar je naar toe wil en kun je bij de conducteur een kaartje kopen. De rit duurde iets van 10 minuten en nog steeds zonder kaartje reed mijn trein Edinburgh Waverly binnen. Nou, dan niet. Op mijn telefoon stond de tekst waarmee ik ons backpackers hostel moet vinden. Om te beginnen met de uitgang ‘Waverly Bridge’. Drie keer vraag ik het aan mannen in werkkleding die duidelijk op het station aan het werk zijn. De eerste twee weten het niet en de derde stuurt me de verkeerde kant op zag ik later op een bord dat me 180° de andere kant op stuurde.

Buiten het station is het Scott monument is het eerste wat ik zie. Nu volg ik de aanwijzingen stap voor stap. Haast is geboden want mijn telefoon is bijna dood. Snel schrijf ik eea op een papiertje.

Het geluk is aan mijn kant. Het backpackerhotel is op de hoek van Cowgate en Candlemaker Row.  Voorbij de George IV brug zie ik een zijstraat met op een straatnaambordje Candlemaker Row, yes!  Stug doorlopend, beneden aan de overkant hangt een ronduithangbord dat verdacht veel lijkt op het logo v/h hotel. Nog sneller naar benedenlopen zie ik dat het goed heb. Verder zoeken kom ik bij de ingang en sta ik in receptie.

Met mijn telefoon die nog 3% leven heeft app ik naar Ad dat ik er ben.
“Dat kan niet!” antwoord hij”
“Ik sta voor de deur!”

Het blauwe paneel is bestemd voor het belangrijkste bezit van de jeugd van vandaag, de smart Phone. Met een usb-poort voor opladen. Cool!

Jawel, bleek later maar met zijn rug naar de ingang, kijkend in de richting waarvan hij besloten had dat ik aan zou komen lopen. Dat ik keurig de wandeling van het printje van het hotel zou maken …… kijk daar reken je als man toch niet op? Ik was op zoek naar de deur, niet naar mensen die daar toevallig buiten staan ….. dat zijn meestal rokers, ja toch?

 

Wie bitte?

 

Het begin is niet zo landelijk.

Zondag 26 mrt – In North Berwick ga ik verder. Het is even zoeken naar de JM-way bordjes. Helaas mogen de wandelaars in North Berwick niet net zoals in Dunbar langs de rand vd golfbaan lopen.

Bah, golfsnobs hebben het strand en duinen ingepikt.

Het is weer een heerlijke dag en na de golfbanen loop ik over landelijke wandelpaden. Verweg van auto’s en het lawaai dat ze maken. N.Law laat ik achter me, hij wordt steeds kleiner

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In Aberlady vind ik een heuse Konditorei & Kaffeehaus. Ik ben allang aan een bakje toe. Iedereen gaat hier naar binnen lijkt het wel, dan zal de koffie vast wel goed zijn. Ik sluit aan bij de rij voor het gebak. Alles staat er in het Duits! Dus als ik aan de beurt ben vraag ik;

“Ich möchte gern ein Weiβer Schokoladen Himbeer Käse……”
“Sorry?”

men sprak geen woord Duits….
of toch wel? Bij het afrekenen probeerde ik het nog een keer….
“ein Bisschen…..”
Tegen 5 ga ik op zoek naar het station Prestonpans. Fijn zo’n gsm met meer data tegoed dan ik er in een week op kan maken. Ik gebruik Googlemaps om te zien hoelang/hoever het nog is naar het station. Het is nog 49 min lopen, ik heb er nog 60. Goed doorstappen dus! Met nog 5 min over kom ik in de buurt, er staan zelfs bordjes die naar het station verwijzen. Helaas verdwijnen ze ook miraculeus….. en waar is het station? Het moet vlakbij zijn maar ….. net als in Dunbar afgelopen zomer ik zie het nergens. Na drie keer vragen ben ik er. Hier onder de foto. Ik liet het aan Ad zien had hij enig idee?

Wie zou vermoeden dat achter het bord,
Private Road
Mind your speed

Een grote moderne parkeerplaats te vinden zou zijn? Achter het huis achter het huis vond ik eindelijk het station ….. ik had nog 2 minuten.

John Muir: van Dunbar naar North Berwick

The Duinmuir Hotel in Dunbar

Zaterdag 25 mrt
Heerlijk geslapen in Dunbar. De dag begint zonnig en mijn ontbijt begint met zalm en toast, heerlijk. En koffie natuurlijk.
±9:00 loop ik weg met een fleece vest over mijn grijze wollen vest. In de zon is het wat warm, in de schaduw is nog behoorlijk fris. Ik moet door het centrum en bij de 1e Coop haal ik Pink Ladies en een flesje water. Het belooft een mooi zonnige dag te worden.

Hier nog op een foto: N.Law links en de Bass Rock rechts.

In East Linton weet ik waar ik een koffie met brownie can scoren.  De N.Law wordt steeds groter worden en zonder problemen kom ik in North Berwick aan. Net als ik die links voobij loop belt Ad, hij is bij de Tesco aan de andere kant. Vanaf N.Law loop ik niet meer alleen, voor een stel en achter me een gezin. In Berwick raak ik met het stel aan de praat. We verbazen ons over de JM-bordjes die soms gewoon ophouden tot we er even later weer een zien staan …..

Het was de eerste zonnige dag in een lange tijd. Half Schotland liep en reed uit om naar het strand te gaan. Typisch Brits om dan massaal ijzeren heinig met de auto een klein stadje in te rijden op zoek naar de laatste parkeerplaats. Tot de smalle straatjes hudjemudjevol staan.

Ad vind ik in de haven aan Melbourne road. Ik vind al die drukt maar niets en we gaan snel terug naar het rustige Dunbar. Daar eten we bij Shapla Tandoori Indiaas, heerlijk!


We bellen!

vrijdag 24 maart in de haven van North Shields

Eerder in Schotland hadden we af en toe de ergernis van mobiele telefoons zonder dekking. Ik weet het vroeger gingen we zonder gsm naar Schotland en de eerste jaren met gsm was het heel gewoon dat ze het in het buitenland helemaal niet deden….. maar in de loop der jaren blijken ze toch handig en hier en daar broodnodig. In 2016 stond mijn motor zomaar opeens stil in Kennagraig, Kintyre. Fijn dat je de ANWB kunt bellen maar onzer beider telefoons hadden geen contact met provider (T-mobile voor mij en Ben voor hem) Mazzel dus dat we gebruik mochten maken van de telefoon van de ticket office van CalMac. Ideaal was het niet.

Afgelopen november waren we in Glencoe en mijn telefoon deed het bijna nergens. Ik ging de West Highland Way wandelen en echtgenoot ging heel andere dingen doen …… dan is het handig als je elkaar kunt bereiken. Via sms die af en toe aankwamen, niet noodzakelijker gewijs in chronologische volgorde hebben we elkaar weer gevonden. Thuis had echtgenoot ook een fiks opgelopen rekenening…… ik niet, das weer het voordeel van prepaid. Ik had wel voor 1,- de Travel&Surf pas gekocht …… voor niks.

Kortom ontevredenheid troef en we hadden weer een vakantie met individueel verschillende activiteiten gepland. Ik wil wandelen en Ad wil dat niet. Af en toe zal ik met het openbaar vervoer naar ons B&B gaan en hopelijk vinden we elkaar dagelijks weer terug. Op Internet las ik van iemand die in Parijs een locale prepaid simkaart in zijn gsm stopte en voor een prikje locaal kon bellen, appen en internet gebruiken. Dat was het! Op Internet vond ik de pay-as-you-go van Tesco. Ik kon zelfs chatten met een Tesco medewerker van de 24/7 Tesco in Newcastle waar we kind aan huis zijn. Het moest kunnen!

Vanmorgen waren we er. Het kon, en de medewerkster maakt het voor beide smartphones in orde. Het enige misverstand was dat Ad ook probeerde met Nl te bellen en toen een bandje kreeg dat zijn tegoed zero was. Voor buitenland is het dat ook. Een pay-as-you-go-card met bellen naar het buitenland is waarschijnlijk duurder. Voor £10,- hebben we ieders 1Gb data, 500 min bellen en onwaarschijnlijk veel sms-jes. Contact met het thuisfront gaat via whatsapp en dat functioneert. Houdbaarheid 6 maanden.

The Cromwell afternoon tea met koffie ipv thee

Fort William – Kinglochleven (met omleiding)

20161117_093918bDonderdag 17 november – Yes, de dag begint droog. Ik wil een ander stuk van de West Highland Way doen. Kinglochleven – Fort William ligt nu voor de hand. Het is 23 km en volgens de kaart niet het moeilijkste stuk. Ik heb er zin in.

Ad heeft liever dat ik in Fort William begin dan hoeft hij aan het eind middag niet zover te rijden en te zoeken om me weer op te halen. Waar de WHW Kinglochleven in komt weten we nu.

Het is 23 km door twijfelachtig weer en de dagen zijn kort, ik zie op de kaart de optie om ± 5 km af te snijden en door te rijden naar een parkeerplaats bij het Ben Nevis Centre. Zo gezegd zo gedaan, gevonden en geparkeerd en terwijl we de parkeerplaats aflopen gaan ze net open. We zijn lekker vroeg, 9 uur. Dat was maar goed ook. Binnen lees ik op het informatie bord dat er een omleiding is? Een stuk v/d route door het bos is wegens houtkap afgesloten. Het staat er niet duidelijk en ik vraag hoe het zit. Wegens houtkap is een deel v/d route afgesloten en moeten wandelaars een omleiding volgen. De omleiding begint aan het eind van de Lundavra Rd, daar zal Ad me afzetten. Op zich is 23 km niet zo heel lang, maar het wordt om 4 uur al donker en of het droog zal blijven is ook maar de vraag.

Voorlopig is het wel droog en de uitzichten zijn geweldig. Uren loop ik van de meest geweldige uitzichten te genieten. Enig probleem zijn de burns. Het schotse woord voor een klein stroompje of beekje en ze stromen gewoon over het pad. Ik was er al voor gewaarschuwd. Door de regen van de afgelopen dagen zijn ze wat breder ….. to put it mildly.20161117_095849

Het systeem van de Stepping Stones werkt vandaag wat moeilijker. Hoe verder ik kom, hoe moeilijker ze worden. Bij iedere burn waar ik overheen spring denk ik:20161117_100317

”Wat er ook gebeurt; ik ga niet meer terug!” Tegelijker tijd vraag ik me af hoe het verderop zal zijn. Bij een van de plaatsen waar een Burn over het pad gaat zie ik heel fijne indrukken in de zachte aarde. Is hier een groep wandelaars met stokken voorbij gekomen? Dan valt het kwartje; het zijn schapensporen en ze geven een goede indicatie waar ik het stroompje het beste kan oversteken. Schapen blijven ook liever droog natuurlijk. En, het lukt!20161117_121043b

20161117_121951

De eerste sneeuwbui stelde nog niet veel voor.

De eerste sneeuwbui stelde nog niet veel voor.

Dan gaat het sneeuwen. Eerst licht en vind ik het best mooi. Steeds harder daarna en was ik daarvoor nog redelijk droog gebleven, nu wordt alles nat. Steeds natter. De waterafstotendheid van mijn jas valt tegen.20161117_133625

Ergens in de afdaling naar Kinglochleven ga ik verkeerd. Het pad is hol en daardoor een meer een beekje.

Ja hier moest ik langs.

Ja hier moest ik langs.

Naast het pad lopen is ook geen optie, daar ploeter ik door de modder. Beneden kom ik op een onbekende asfaltweg uit. Bordjes van de WHW staan er niet meer. Ik gok erop dat Kinglochleven linksaf moet zijn. Met soppende schoenen loop ik over de stoep van de B863. Eigenlijk vind ik het helemaal niet erg dat ik niet meer bij elke stap hoef te kijken naar de stenen en waar ik het beste mijn voeten kan zetten. Dan sta ik bij het Macdonalds Hotel met daarop in grote letters:
“Walkers Welcome!” en durf ik het aan om soppend en druipend naar binnen te gaan. Binnen vragen ze me of ik een kamer wil maar ik leg uit dat mijn man met auto.
“Ah, he is the sensibele one!”
Me zo komt halen als hij terug is van zijn eigen excursie.

Helaas is de keuken gesloten tot 17:00 gesloten. Ik doe het met een koffie en mars en sms Ad de postcode en het wegnummer. Meer heeft hij niet nodig. Een uur later rijd ik de auto naar ons huisje.

The Inveroran Hotel bleek gesloten.

Maandag 14 november – Is een regenachtige dag en we doen een dagje Oban. Onderweg met de auto eindelijk Dunstaffnage Castle gezien (deze zomer had ik vanaf Oban 2x te voet geprobeerd. Tevergeefs) en het War & Peace Museum. Alleen (Ad had geen zin in de lange wandeling naar boven) ga ik eindelijk een keer naar de McCaig Tower. 20161115_093117

Dinsdag 15 november – Droog! De volgende etappe van de WHW. Met de auto gaan we naar ‘the Inveroran Hotel’. Het is even zoeken. Ik weet niet zo zeker of het minuscule weggetje dat Ad inslaat wel de juiste is. Een ander weggetje is er niet en het gaat vergeleken met de kaart wel de juiste kant op. Et voila: het Inveroran Hotel. Volgende stopplaats is ‘the Kings House’ of, als alles goed gaat, 5 km verder Altnafeadh aan de A82.

Viel dat even tegen! Nog mazzel dat ik hier aan het begin van mijn wandeling stond. Niet na uren ploeteren door wind en regen....

Viel dat even tegen! Nog mazzel dat ik hier aan het begin van mijn wandeling stond. Niet na uren ploeteren door wind en regen….

Het is heerlijk om daar alleen te lopen en alleen de wind te horen. Het geweldige uitzicht, het pad dat in het begin heel goed begaanbaar is, mijn eigen gedachten. Verder niets.20161115_10331420161115_120830

Ter hoogte van Ba Bridge word ik ingehaald door twee mannen. Even lopen we te praten. Waar of ik vandaan kwam en nee, Zwolle daar hadden ze nog nooit van gehoord. Ik vertel dan de man die ik tegenkwam in East Linton en die Zwolle wel kende via onze voetbalploeg, PEC Zwolle. Dat doet een kwartje vallen, want mijn medewandelaars zijn ook voetbalmannen en PEC Zwolle kenden ze wel. Alleen hadden ze zich nog nooit gerealiseerd de naam PEC Zwolle voor een stad stond. Bij dezen. Verder weten ze dat het café bij Kingshouse ook echt open is. Nadat het Inveroran hotel voor de winter gesloten bleek is dat een stukje informatie waar ik blij mee ben. Ik kan me alvast verheugen op een kopje soep. De mannen gaan verder in hun hoge tempo en ik laat ze uit het zicht verdwijnen.20161115_125825

De etappe is heel erg mooi. Uitgestrekte uitzichten tussen de toppen door. Het blijft lang droog. Als ik over een heuvel heen naar beneden loop zie ik heel ver beneden de A82. Ik sms dat naar Ad. Ik zie in de verte regen naderen en doe mijn regencape vast aan.

In de verte regent het

In de verte regent het

De vlaggen hebben het zwaar en voor de helft kapot gewapperd.

De vlaggen hebben het zwaar en zijn voor de helft kapot gewapperd.

3 kwartier later loop ik het café van Kingshouse binnen. Ik neem de soep van de dag. Welke dat was weet ik niet meer, wel dat het me heerlijk smaakte.20161115_134626

Ik ga voor de laatste 5 km naar Altnafeadh. Buiten bij het café lopen tamme herten die zich laten voeren. Ik had nog een appel en geef de brutaalste het klokhuis. Het gaat er goed in.20161115_140520Een vrouw die hen brood voert verteld dat iedereen ze voert en ze daardoor tam geworden zijn. Ik moet ff zoeken waar het pad verder gaat. 20 min later zie ik weer een groep herten. Maar ik heb mijn knalblauwe regencape weer aan. Die fladdert in de wind en dat vertrouwen ze niet. De koppen gaan in één beweging omhoog en heel even kijken ze me wantrouwend aan voor ze er in vliegende haast vandoor gaan. De man met het gewei blijft nog iets langer naar me staan kijken en volgt dan kalmpjes zijn vrouwen.

De regen zet door. De tegenwind maakt de laatste loodjes zwaarder. De stroompjes (Burns) die van de berg naar beneden komen zijn al wat breder en bij een moet ik echt over de stenen klimmen om er droog voorbij te komen.

Uitzicht over Rannoch Moor.

Uitzicht over Rannoch Moor. Beneden de A82.

De witte auto die ik al kilometers lang in de verte geparkeerd zie staan is niet onze Opel, maar Ad staat er wel klaar met de auto. ± 15:30 rij ik de auto terug naar ons huisje. Ad wil bij de Glencoe Gathering gaan eten. Hij wil kreeft! (die staat daar voor een zacht prijsje op het menu)

The Devil’s Staircase.

Ik volgde de onderste rode lijn.

Ik volgde de onderste rode lijn.

Zondag 13 november 2016 – Het wordt laat licht hier in Glencoe. De regen helpt ook niet. Met de auto gaan we kijken of we Altnafeadh kunnen vinden. Dat is het punt waar de West Highland Way de A82 (die ik ijzeren Heinig de A28 noem) raakt. We vinden het zo, ik stap uit en loop alvast het pad een stukje op. Daarna eerst even de Tourist Information  in Ballachulish opzoeken. Te vroeg ze zijn nog niet open en we drinken koffie in the Glencoe Gathering. Prima bakkie!

De A82 bij Altnafeadh

De A82 bij Altnafeadh

Volgens de mevrouw van de tourist info blijft de motregen motregen. En ‘the Devil’s staircase’ direct na Altnafeadh zou niet bijzonder moeilijk zijn. Dat is wat ik wil horen. Ik laat me door Ad afzetten. Met een regencape over mijn regenjas heen ga ik op weg.

20161113_112505

the Devil’s Staircase

Fris als een hoentje is die Devils Staircase geen enkel probleem. Een foto van bovenaf wordt helemaal niks. Ik wandel door naar Kinglochleven. Genietend! Makkelijk is het pad niet, het ligt vol stenen. Voordeel van de stenen is dat je niet bij elke stap in de modder wegzakt, nadeel is dat je bij elke stap goed moet opletten om niet te struikelen. Merk ik al snel als ik mijn voet ergens niet hoog genoeg optil. Baf, daar lig ik.

20161113_120030

functioneel zolang het water niet te hoog staat.

Zo mooi zijn de uitzichten en ik geniet van de omgeving en alles. Ondanks de motregen die langzaam maar zeker een echte regen wordt. Dankzij de regencape blijft de schade beperkt tot mijn mouwen en mijn schoenen. Tot ik weer struikel en languit in de modder lig. Zucht, nu is alles modderig. De eerste andere wandelaars gaan nog in tegengestelde richting. Dan wordt ik ingehaald door drie jongemannen met bepakking. Ze zeggen gedag en halen me meedogenloos in. Later komen er twee jongemannen met de fiets aan de hand uit tegengestelde richting. “Have you even used it yet??” vraag ik stomverbaasd. Ik krijg een glimlachje en de uitleg dat ze er zo mee naar beneden willen. Inderdaad kom ik ze een half uurtje later weer tegen en nu zijn ze wel op de fiets.
Ongeveer 3 uur heb ik erover gedaan. Niet bijster snel. Als in de buurt van Kinglochleven komt belt Ad me op, hij is er al. Ik denk zelfs dat ik beneden zijn witte auto zie rijden. Het kost een paar telefoontjes terwijl we ieders aan een kant van ‘the Ice Factor’ lopen en zoeken. Met succes. Tijd voor een warm bakje.
Warm is het zeker in ‘the Highland Getaway’. De drie jongens die mij zo genadeloos inhaalden zitten er ook zich op te warmen, de natte spullen hangen door de hele bar over de verwarming. Ik ga eerst naar de ‘ladies’. First things first. Terug zit Ad al achter een pint cider. Ik wacht geduldig tot het barmeisje tijd voor me heeft. Voorlopig niet, een andere gast heeft haar hondje op de bar gezet en daar gaat alle aandacht heen. 20161113_144253Nou ja het is pas 14:25, ik heb alle tijd.
Een kwartier later ga ik vragen naar het menu en ik vraag meteen naar de soep. Helaas krijg ik te horen dat ik te laat ben. Keuken sluit om 14:30 en dat is dan dat. Ik ben zo verbijsterd dat ik er stil van ben. Hoe lang ben ik al binnen overleg ik met Ad? We waren er zeker voor 14:30.
Ik ga verhaal halen, dat ik er op tijd was, maar dat zij dat niet in de gaten had omdat ze alleen aandacht voor het hondje had. Dat moest ik even kwijt en ik ga weer bij Ad zitten. Wachten tot hij zijn Cider opheeft en dan gaan we thuis maar wat maken.
“Was it really only soup I wantend? Well she checked with the boss and did I want a lentil soup or a tomato soup?” wauw, ja soep is wat ik overal bestel en eet en heerlijk vind. Ik kies de linzensoep. Met brood en boter, heerlijk!

Mijn eerste Linzen soep

Mijn eerste Linzen soep

We will be back!

Vrijdag gaan we weer weg. Naar Scotland (uiteraard voegt Ad toe). Een self-catering cottage in Glencoe. Een van mijn plannen, twee stukken van de West Highland Way te gaan lopen. De wandelweg komt op een paar km afstand langs Glencoe. Verder zien we wel. Het zal vast wel een dagje regenen.

Ik ben benieuwd of ik nog nieuwe inzichten vind. Elke reis vind ik er een paar. Zoals,

  1. Koffie: in het UK kun je beter de Americano met een kannetje melk bestellen. Cappuccino daar doen de Britten veel te veel melk door. Het is vaak warme melk met een paar druppels koffiesmaak.
  2. Takeaway: op de camping is een portie groot genoeg voor ons twee. Staat er thuis een mooie koelkast klaar voor de restanten die de volgende dag ook nog lekker zijn….. op vakantie werkt dat niet.
  3. Her-sluitbare zakjes zijn reuze handig voor alles wat droog moet blijven. Medicijnen, koffie, tickets, snoertjes, telefoons, kaarten.
  4. We are not joined at the hip. Ad gaat op stap, ik ga wandelen.

    Reuze handig voor elke reiziger.

    Reuze handig voor elke reiziger.

Van Lamlash naar Brodick, en terug.

20160817_120024We hebben twee dagen voor Arran. 2014 waren we hier ook. Verschrikkelijk heet was het, 30°C! Ik weet niet meer waar ik de informatie vandaan had maar er zou een wandelpad zijn tussen Lamlash waar we kampeerden en Brodick waar de boot aankomt. Op goed geluk ging ik onderweg. Het bleek simpel, daar waar de stoep ophield begon het pad. Daarna was het een kwestie van ‘immer gerade aus’ doorwandelen.

Twee jaar later en ik heb de smaak van wandelen goed te pakken. Op vakantie zijn de uitzichten nog veel mooier. Ad vindt het blijkbaar prima om af en toe alleen zichzelf te vermaken en lekker alleen te gaan toeren. Dus; ik zie mijn kans en ik ga nog een keer het mooie pad naar Brodick lopen. En terug.

Ad heeft ook een doel vandaag: het avond eten. Bij aankomst gisteren vond hij een verlaten wegwerp-BBQ. Alleen met de belofte dat ik ‘morgen wel’ wilde bbq-en kon ik hem weerhouden dat ding ter plekke aan te steken. Nog een geluk. Hij liet de BBQ dus liggen. Andere kampeerders namen hem later mee en staken hem aan. Dat leverde een intens  rookgordijn op…….  Anyway, Ad is helemaal happy met zijn doel. Ik laat het helemaal aan hem over alleen of hij eraan wil denken dat we de koelkast niet bij ons hebben. Dus: niet meer inkopen dan wij op kunnen eten. Zou dat lukken?

Niet alleen is het weer beter, mijn conditie is ook veel beter. Ik ben vrij snel in Brodick. Aan het eind van het pad staat een huis in de steigers. Ook hier werken de bouwvakkers met een radio hard aan. Erg hard, duidelijk herken ik de stem van Jeremy Vine die een op tv het BBC2 programma ‘Eggheads’ presenteert.

Bij ‘the Little Rock’ bestel ik wat te drinken. Geen koffie mijn dorst is aan een groot glas Cola light toe. Ik kijk om me heen en wie zit er aan het tafeltje schuin tegenover mij? Hij kijkt ook net toevallig mijn kant op, de man die net een sms wilde sturen, Ad.2016-08-17-18-33-22