Nog zonder naam*)

img_9407Het is nog stil en rustig en ook regenachtig als ik alvast alleen ben opgestaan om de ochtend met koffie en oatcakes voor de tv te beginnen. Terwijl ik zo zit te wachten op het weerbericht gaat de telefoon van Ad.
Het is zijn zoon Rick. Ik neem op en neem één beweging de telefoon mee naar de slaapkamer waar Ad net naast zijn bed staat. Ik ga terug naar mijn koffie en hoor nog net dat Ad verrast reageert. Geen idee waar het over gaat.
Even later komt Ad naar de huiskamer. Het kleinkind dat pas half december verwacht werd is net geboren. Een jongen, vier weken te vroeg maar alles is goed. En heeft nog geen naam.
Wauw! Wij zijn helemaal blij met de 2e kleinzoon. Ik ga gelijk boodschappen doen en in the local Village store een felicitatiekaart kopen. De store heeft een groot assortiment kaarten had ik al eerder gezien. Als ik ga zoeken zie ik de meest uiteenlopende familie relatie kaarten. From a grandson to a Grandfather (en vice versa natuurlijk) of to a sweet brother in law kortom you name it – they’ve got it
Funny Brother In Law Quotes
Maarre ik moet flink zoeken naar de baby kaarten. Het zijn er maar drie en alle drie voor een jongen…… meisjes tellen niet mee in Glencoe? Ik maak een sarcastische opmerking aan de kassa maar er staat een nerdachtige adolescent achter de kassa. He could not care less lijkt het wel. Tja, ik heb mijn kaart en ga weer terug.20161118_090550

20161118_090545

De linker met vlaggetjes koop ik.

*) Hij heet Quint

The Inveroran Hotel bleek gesloten.

Maandag 14 november – Is een regenachtige dag en we doen een dagje Oban. Onderweg met de auto eindelijk Dunstaffnage Castle gezien (deze zomer had ik vanaf Oban 2x te voet geprobeerd. Tevergeefs) en het War & Peace Museum. Alleen (Ad had geen zin in de lange wandeling naar boven) ga ik eindelijk een keer naar de McCaig Tower. 20161115_093117

Dinsdag 15 november – Droog! De volgende etappe van de WHW. Met de auto gaan we naar ‘the Inveroran Hotel’. Het is even zoeken. Ik weet niet zo zeker of het minuscule weggetje dat Ad inslaat wel de juiste is. Een ander weggetje is er niet en het gaat vergeleken met de kaart wel de juiste kant op. Et voila: het Inveroran Hotel. Volgende stopplaats is ‘the Kings House’ of, als alles goed gaat, 5 km verder Altnafeadh aan de A82.

Viel dat even tegen! Nog mazzel dat ik hier aan het begin van mijn wandeling stond. Niet na uren ploeteren door wind en regen....

Viel dat even tegen! Nog mazzel dat ik hier aan het begin van mijn wandeling stond. Niet na uren ploeteren door wind en regen….

Het is heerlijk om daar alleen te lopen en alleen de wind te horen. Het geweldige uitzicht, het pad dat in het begin heel goed begaanbaar is, mijn eigen gedachten. Verder niets.20161115_10331420161115_120830

Ter hoogte van Ba Bridge word ik ingehaald door twee mannen. Even lopen we te praten. Waar of ik vandaan kwam en nee, Zwolle daar hadden ze nog nooit van gehoord. Ik vertel dan de man die ik tegenkwam in East Linton en die Zwolle wel kende via onze voetbalploeg, PEC Zwolle. Dat doet een kwartje vallen, want mijn medewandelaars zijn ook voetbalmannen en PEC Zwolle kenden ze wel. Alleen hadden ze zich nog nooit gerealiseerd de naam PEC Zwolle voor een stad stond. Bij dezen. Verder weten ze dat het café bij Kingshouse ook echt open is. Nadat het Inveroran hotel voor de winter gesloten bleek is dat een stukje informatie waar ik blij mee ben. Ik kan me alvast verheugen op een kopje soep. De mannen gaan verder in hun hoge tempo en ik laat ze uit het zicht verdwijnen.20161115_125825

De etappe is heel erg mooi. Uitgestrekte uitzichten tussen de toppen door. Het blijft lang droog. Als ik over een heuvel heen naar beneden loop zie ik heel ver beneden de A82. Ik sms dat naar Ad. Ik zie in de verte regen naderen en doe mijn regencape vast aan.

In de verte regent het

In de verte regent het

De vlaggen hebben het zwaar en voor de helft kapot gewapperd.

De vlaggen hebben het zwaar en zijn voor de helft kapot gewapperd.

3 kwartier later loop ik het café van Kingshouse binnen. Ik neem de soep van de dag. Welke dat was weet ik niet meer, wel dat het me heerlijk smaakte.20161115_134626

Ik ga voor de laatste 5 km naar Altnafeadh. Buiten bij het café lopen tamme herten die zich laten voeren. Ik had nog een appel en geef de brutaalste het klokhuis. Het gaat er goed in.20161115_140520Een vrouw die hen brood voert verteld dat iedereen ze voert en ze daardoor tam geworden zijn. Ik moet ff zoeken waar het pad verder gaat. 20 min later zie ik weer een groep herten. Maar ik heb mijn knalblauwe regencape weer aan. Die fladdert in de wind en dat vertrouwen ze niet. De koppen gaan in één beweging omhoog en heel even kijken ze me wantrouwend aan voor ze er in vliegende haast vandoor gaan. De man met het gewei blijft nog iets langer naar me staan kijken en volgt dan kalmpjes zijn vrouwen.

De regen zet door. De tegenwind maakt de laatste loodjes zwaarder. De stroompjes (Burns) die van de berg naar beneden komen zijn al wat breder en bij een moet ik echt over de stenen klimmen om er droog voorbij te komen.

Uitzicht over Rannoch Moor.

Uitzicht over Rannoch Moor. Beneden de A82.

De witte auto die ik al kilometers lang in de verte geparkeerd zie staan is niet onze Opel, maar Ad staat er wel klaar met de auto. ± 15:30 rij ik de auto terug naar ons huisje. Ad wil bij de Glencoe Gathering gaan eten. Hij wil kreeft! (die staat daar voor een zacht prijsje op het menu)

Zonnebloemen

img_8340

Vanmorgen zag ik de groenlingen ruzie maken. In onze tuin staan een aantal uitgebloeide zonnebloemen. Een aantal had ik afgeknipt en ‘te drogen’ of zo op ons voortuinbankje gelegd. Ruimte genoeg voor meer vogels dacht ik zo. De dominante Groenling dacht van niet. vanuit zijn positie op de hoogste zonnebloem zag hij dat er een concurrent op ons bankje zat te eten ….. daar moest hij wat aan doen.

Vanmiddag keek ik eens ‘hoever’ ze al zijn met de zonnebloemen. Want ook de koolmezen, mussen, pimpelmezen en net zag ik een roodborstje wegvliegen) zijn er maar druk mee.

Ze zijn al ver…..

img_9861img_9864img_9867img_9866

 

 

 

Tigh Floriadh – ons huisje

img_9413

Het huisje hadden we op Internet gevonden. We hadden het op prijs uitgezocht. Volgens Internet had het alles en aan beide kanten een mooi uitzicht. Vlak bij Guesthouse Dunire waar we ooit een kamer hadden voor één nacht. Bij aankomst bleek dat we een detail over het hoofd gezien hadden; wifi. Geen wifi. De meegenomen laptop is de auto niet uitgekomen. img_9422

We hebben het er heerlijk naar onze zin gehad. Er was maar een ding mis; de bank bleek een echte ruggensloper. Het was moeilijk om er in te komen en nog veel moeilijker om eruit te komen. Ik heb heel wat tv momentjes op de grond voor de ‘open haard’ doorgebracht.

img_9407img_0094

Beneden ligt Glencoe. Wie goed kijkt ziet rechts van het dorpje een rijtje witte huisjes. Wij hadden het 2e huisje van links, in het 1e blok.

Beneden ligt Glencoe. Wie goed kijkt ziet rechts van het dorpje een rijtje witte huisjes. Wij hadden het 2e huisje van links, in het 1e blok.

img_9665

The Devil’s Staircase.

Ik volgde de onderste rode lijn.

Ik volgde de onderste rode lijn.

Zondag 13 november 2016 – Het wordt laat licht hier in Glencoe. De regen helpt ook niet. Met de auto gaan we kijken of we Altnafeadh kunnen vinden. Dat is het punt waar de West Highland Way de A82 (die ik ijzeren Heinig de A28 noem) raakt. We vinden het zo, ik stap uit en loop alvast het pad een stukje op. Daarna eerst even de Tourist Information  in Ballachulish opzoeken. Te vroeg ze zijn nog niet open en we drinken koffie in the Glencoe Gathering. Prima bakkie!

De A82 bij Altnafeadh

De A82 bij Altnafeadh

Volgens de mevrouw van de tourist info blijft de motregen motregen. En ‘the Devil’s staircase’ direct na Altnafeadh zou niet bijzonder moeilijk zijn. Dat is wat ik wil horen. Ik laat me door Ad afzetten. Met een regencape over mijn regenjas heen ga ik op weg.

20161113_112505

the Devil’s Staircase

Fris als een hoentje is die Devils Staircase geen enkel probleem. Een foto van bovenaf wordt helemaal niks. Ik wandel door naar Kinglochleven. Genietend! Makkelijk is het pad niet, het ligt vol stenen. Voordeel van de stenen is dat je niet bij elke stap in de modder wegzakt, nadeel is dat je bij elke stap goed moet opletten om niet te struikelen. Merk ik al snel als ik mijn voet ergens niet hoog genoeg optil. Baf, daar lig ik.

20161113_120030

functioneel zolang het water niet te hoog staat.

Zo mooi zijn de uitzichten en ik geniet van de omgeving en alles. Ondanks de motregen die langzaam maar zeker een echte regen wordt. Dankzij de regencape blijft de schade beperkt tot mijn mouwen en mijn schoenen. Tot ik weer struikel en languit in de modder lig. Zucht, nu is alles modderig. De eerste andere wandelaars gaan nog in tegengestelde richting. Dan wordt ik ingehaald door drie jongemannen met bepakking. Ze zeggen gedag en halen me meedogenloos in. Later komen er twee jongemannen met de fiets aan de hand uit tegengestelde richting. “Have you even used it yet??” vraag ik stomverbaasd. Ik krijg een glimlachje en de uitleg dat ze er zo mee naar beneden willen. Inderdaad kom ik ze een half uurtje later weer tegen en nu zijn ze wel op de fiets.
Ongeveer 3 uur heb ik erover gedaan. Niet bijster snel. Als in de buurt van Kinglochleven komt belt Ad me op, hij is er al. Ik denk zelfs dat ik beneden zijn witte auto zie rijden. Het kost een paar telefoontjes terwijl we ieders aan een kant van ‘the Ice Factor’ lopen en zoeken. Met succes. Tijd voor een warm bakje.
Warm is het zeker in ‘the Highland Getaway’. De drie jongens die mij zo genadeloos inhaalden zitten er ook zich op te warmen, de natte spullen hangen door de hele bar over de verwarming. Ik ga eerst naar de ‘ladies’. First things first. Terug zit Ad al achter een pint cider. Ik wacht geduldig tot het barmeisje tijd voor me heeft. Voorlopig niet, een andere gast heeft haar hondje op de bar gezet en daar gaat alle aandacht heen. 20161113_144253Nou ja het is pas 14:25, ik heb alle tijd.
Een kwartier later ga ik vragen naar het menu en ik vraag meteen naar de soep. Helaas krijg ik te horen dat ik te laat ben. Keuken sluit om 14:30 en dat is dan dat. Ik ben zo verbijsterd dat ik er stil van ben. Hoe lang ben ik al binnen overleg ik met Ad? We waren er zeker voor 14:30.
Ik ga verhaal halen, dat ik er op tijd was, maar dat zij dat niet in de gaten had omdat ze alleen aandacht voor het hondje had. Dat moest ik even kwijt en ik ga weer bij Ad zitten. Wachten tot hij zijn Cider opheeft en dan gaan we thuis maar wat maken.
“Was it really only soup I wantend? Well she checked with the boss and did I want a lentil soup or a tomato soup?” wauw, ja soep is wat ik overal bestel en eet en heerlijk vind. Ik kies de linzensoep. Met brood en boter, heerlijk!

Mijn eerste Linzen soep

Mijn eerste Linzen soep

Onderweg naar Glencoe I

Uitzicht in IJmuiden.

Uitzicht in IJmuiden.

DFDS heeft twee boten op de route IJmuiden – North Shields. De King en de Princess. De King is groter maar wij varen liever met de Princess. Zij heeft zeezicht hutten met 2-persoons bedden voor maar een tientje meer. Andere hutten hebben de bedden apart. Voor onze vakantie schuiven we net zo lang met vertrek- en aankomst data tot we heen en weer mogen op de Princess Seaways.
Nu gaan we naar een self-catering cottage in Glencoe. Huisjes gaan van zaterdag tot zaterdag en dus boekten we de boot voor vrijdagnacht. De King dus. Een donkere binnenhut met bedden boven elkaar. Ach, daar slapen we ook goed. Ik slaap boven.
Ad had zich al weken op een pizza verheugd. Hij wist al welke, de ‘frutti di mare’. Ik koos er een met champignons en verse mozzarella. Ik kreeg mijn pizza, voor Ad kwam een bord spaghetti ‘frutti di mare’.
Eén seconde ging zijn wenkbrauw omhoog toen pakte hij zijn bord aan met de gedachte: spaghetti ook lekker.
In de Navigator bar staat de troubadour de sterren van de hemel te zingen. En dan; ‘the pianoman’ van Billy Joel. Dankzij de reclame associeer ik het lied met trein naar Londen, toch zit ik nu aan boord van de boot naar Newcastle. Later zit ik alleen te luisteren. Twee stoelen (ik zit in een soort kwartet) worden bezet door een onbekend stel.
“Is your husband Scottish?” kreeg ik als vraag want Ad in zijn Schotland T-shirt hadden ze al gezien.
“No, but he wants to be” was mijn antwoord. Waar of hij vandaan kwam? Hij was een Schot, onderweg naar huis. Weekje Duitsland achter de rug. Of ik Duits sprak? “Natürlich!” en hij schakelde naadloos in perfect Duits over. 40 jaar had hij in Duisburg gewoond en gewerkt. Getrouwd, gescheiden en een dochter die in Duitsland geboren en opgegroeid was. En opeens was hij weer terug gegaan naar Schotland, dochterlief had later ook het huis verkocht en woonde nu ook in Schotland. Alleen zijn broer die een keer op bezoek naar Duisburg gekomen en meteen gebleven was woonde er nu nog. Handig voor zijn vakanties in Duitsland.
Ad was inmiddels terug. De troubadour zong nog steeds de sterren van de hemel en het gesprek ging over taal, Duits, Engels en Scotts en alles wat je daarbij kunt halen. Zij woonden nu aan de kust ten westen van Glasgow en de wortels lagen in Inverness. Dat ik Inverness kende en meermalen aan de Beauly Firth gekampeerd had maakte indruk.

Een heel aantal drankjes verder val ik in slaap boven in mijn stapelbed.

Zo'n boot vaart natuurlijk niet zomaar van A naar B. Ad wil altijd meer weten, zoals hoe hard varen we etc etc. Deze vaart mocht hij deze informatie lezen. Meenemen mocht niet, dan maar een foto gemaakt. Nu weten we het. 0:30 C.E.T. komen de Princess Seaways en de King Seaways elkaar tegen.

Zo’n boot vaart natuurlijk niet zomaar van A naar B. Ad wil altijd meer weten, zoals hoe hard varen we etc etc. Deze vaart mocht hij deze informatie lezen. Meenemen mocht niet, dan maar een foto gemaakt. Nu weten we het. 0:30 C.E.T. komen de Princess Seaways en de King Seaways elkaar tegen.

 

We will be back!

Vrijdag gaan we weer weg. Naar Scotland (uiteraard voegt Ad toe). Een self-catering cottage in Glencoe. Een van mijn plannen, twee stukken van de West Highland Way te gaan lopen. De wandelweg komt op een paar km afstand langs Glencoe. Verder zien we wel. Het zal vast wel een dagje regenen.

Ik ben benieuwd of ik nog nieuwe inzichten vind. Elke reis vind ik er een paar. Zoals,

  1. Koffie: in het UK kun je beter de Americano met een kannetje melk bestellen. Cappuccino daar doen de Britten veel te veel melk door. Het is vaak warme melk met een paar druppels koffiesmaak.
  2. Takeaway: op de camping is een portie groot genoeg voor ons twee. Staat er thuis een mooie koelkast klaar voor de restanten die de volgende dag ook nog lekker zijn….. op vakantie werkt dat niet.
  3. Her-sluitbare zakjes zijn reuze handig voor alles wat droog moet blijven. Medicijnen, koffie, tickets, snoertjes, telefoons, kaarten.
  4. We are not joined at the hip. Ad gaat op stap, ik ga wandelen.

    Reuze handig voor elke reiziger.

    Reuze handig voor elke reiziger.

Newcastle revisited

Wachten, wachten en nog langer wachten in Newcastle.

Wachten, wachten en nog langer wachten in Newcastle.

De dag in Galashiels begint grijs en droog. Pas in Newcastle gaat het regenen. Terwijl we 1½ uur in de rij moeten staan. De man in het geel die aanwijst wie er naar binnen mag kan er ook niets aan doen, hij krijgt vanuit de boot zijn orders. Eerst de campers en de caravans. Dan zoveel kleine auto’s en dan een paar grote. Af en toe een grote vrachtwagen. Heel veel verschillende auto’s. Daar zijn ook de meeste van. Tijdens het wachten doe ik toch mijn regenbroek aan. Ik reken erop dat we, net als in 2013 als allerlaatsten aan boord gaan.

Ik krijg gelijk.

De man in het geel en later ook de kapitein beloven zwaar weer, ik ben benieuwd. img_9297

Galashiels

naar Adrossan

de veerboot naar Adrossan

Niets aan te doen, we moeten terug naar huis. De boot is geboekt voor vrijdag 19 augustus. Ad, de grote routeplanner, probeert altijd ook van de reis van en naar de boot iets leuks te maken. Dwz, leuker dan de snelste route over de saaie snelweg te nemen.

Na een ontbijt bij ‘the little Rock’ vertrokken we met de Calmac boot van Brodick naar Adrossan. Om het een beetje leuk te houden gaan we er 2 dagen over doen. Ooit stonden we ook een laatste dag op een camping in Calander. Daar was een familie in alle vroegte (iets van voor zessen) opgestaan omdat ze in één ruk naar Dover gingen rijden…. 900 km!

Zo doen wij dat dus niet. Galashiels, Scottisch Borders, leek leuk halverwege de route te liggen die Ad gevonden had. We reden er gladjes heen. Er zouden twee campings zijn, toen de borden de eerste aankondigden gingen we kijken. Park Kilnknowe, het zag er niet aantrekkelijk uit. Luxe huisjes waar nog aan gebouwd werd bij de ingang, een lange rij lege occasion caravans in uiteenlopende staat van onderhoud. Tenten zag ik er niet. We besloten eerst verder te rijden op zoek naar de andere camping. Na flink vruchteloos zoeken hoorde Ad dat de 2e camping gesloten was. Dan maar terug naar de eerste camping.

Park Kilnknowe, Galashiels

Park Kilnknowe, Galashiels

De ontvangst was niet zo enthousiast. Het was even zoeken voor we de beheerster konden vinden. Tenten zag ik er niet afgezien behalve die ene op het verkeersbord. Het stond vol met onbewoonde caravans waarvan sommigen betere tijden gekend hadden. Bij een plekje tussen twee caravans, mooi groen en recht, stonden we stil. Dat werd ons aangeboden.

“£5,-?” het was namelijk zo dat dat het tentenveldje, dat ergens helemaal ver weg achteraan zou liggen door een groep jongeren in gebruik was. Dit zou voor ons geschikter zijn. Wij gingen direct akkoord. Wc was er douche niet maar dat kon mij niets schelen, de dag erna hadden we een hut met douche op de boot. Routineus zette ik de tent op en ging Ad voor het luchtbed zorgen. Tenminste, dat wilde hij. Maar de pomp……. Die lag waarschijnlijk nog op Arran. En nu? Hij ging maar eens in receptie informeren of zij een pomp te leen hadden. Dat niet. Wel kreeg hij te horen dat er een Halfords op 5 min rijden was. Ad erheen en hij is nu de trotse bezitter van een luchtpomp met een Engelse stekker!20160818_175040

Naast ons woonde een oude weduwe in een stacaravan. Alle gordijnen potdicht. Om een uur of vijf kwam ze even naar buiten met haar twee stokoude hondjes. Na een tijdje ging de tv aan en ± 20:00 ging die weer uit.

Het was een heel rare camping. In de loop v/d avond kwamen heel veel auto’s langs rijden. Het leek mij een camping waar mensen woonden en die overdag naar hun werk gingen. Voor een nachtje vond ik het wel grappig. 20160818_195136

Van Lamlash naar Brodick, en terug.

20160817_120024We hebben twee dagen voor Arran. 2014 waren we hier ook. Verschrikkelijk heet was het, 30°C! Ik weet niet meer waar ik de informatie vandaan had maar er zou een wandelpad zijn tussen Lamlash waar we kampeerden en Brodick waar de boot aankomt. Op goed geluk ging ik onderweg. Het bleek simpel, daar waar de stoep ophield begon het pad. Daarna was het een kwestie van ‘immer gerade aus’ doorwandelen.

Twee jaar later en ik heb de smaak van wandelen goed te pakken. Op vakantie zijn de uitzichten nog veel mooier. Ad vindt het blijkbaar prima om af en toe alleen zichzelf te vermaken en lekker alleen te gaan toeren. Dus; ik zie mijn kans en ik ga nog een keer het mooie pad naar Brodick lopen. En terug.

Ad heeft ook een doel vandaag: het avond eten. Bij aankomst gisteren vond hij een verlaten wegwerp-BBQ. Alleen met de belofte dat ik ‘morgen wel’ wilde bbq-en kon ik hem weerhouden dat ding ter plekke aan te steken. Nog een geluk. Hij liet de BBQ dus liggen. Andere kampeerders namen hem later mee en staken hem aan. Dat leverde een intens  rookgordijn op…….  Anyway, Ad is helemaal happy met zijn doel. Ik laat het helemaal aan hem over alleen of hij eraan wil denken dat we de koelkast niet bij ons hebben. Dus: niet meer inkopen dan wij op kunnen eten. Zou dat lukken?

Niet alleen is het weer beter, mijn conditie is ook veel beter. Ik ben vrij snel in Brodick. Aan het eind van het pad staat een huis in de steigers. Ook hier werken de bouwvakkers met een radio hard aan. Erg hard, duidelijk herken ik de stem van Jeremy Vine die een op tv het BBC2 programma ‘Eggheads’ presenteert.

Bij ‘the Little Rock’ bestel ik wat te drinken. Geen koffie mijn dorst is aan een groot glas Cola light toe. Ik kijk om me heen en wie zit er aan het tafeltje schuin tegenover mij? Hij kijkt ook net toevallig mijn kant op, de man die net een sms wilde sturen, Ad.2016-08-17-18-33-22

Goodbye Islay! Tot de volgende keer…..

Camping Port Mor - Islay

Camping Port Mor – Islay

De laatste ochtend op Islay en het weer is prachtig. We gaan koffie dringen bij Tim en Margaret aan de overkant. ± 8:30 heb ik alles ingepakt, vastgebonden of klaargelegd. Ad is iets langer bezig, hij heeft de tent op zijn motor en die kan hij pas vastbinden als ik de tent ingepakt heb.

De tent is mijn taak. Samen een tent op- c.q. afbreken is niet zo goed voor onze relatie. Ik vind het leuk om een tent op te zetten en Ad vind het vreselijk. Combineer je dit met een zwerm bloeddorstige mitsies dan hebben wij zo ruzie….. dus: ik doe het alleen. Het kleine tentje opzetten is een fluitje van een cent. Een keer terwijl was ik lekker bezig, zag ik een vrouw in de auto ontzettend boos naar me zat te kijken. Ik heb haar niet gevraagd waarom. In mijn verbeelding zou het maar zo kunnen zijn dat zij het aan haar man overlaat omdat het ‘mannenwerk’ is. Tja, dan komt het niet goed uit als een andere vrouw wel de tent opzet….. wie weet heb ik dat helemaal niet goed gezien, haha.

Bij Tim en Margaret staat nog een rode BMW motor voor de deur. Zijn bestuurder gaat ook weg, met de boot vanaf Port Ellen. Ad was er nog stellig van overtuigd dat wij in Port Askaig moesten zijn. Even de dienstregeling van Calmac gecontroleerd…… oeps, ook wij moeten naar Port Ellen. Gladjes rijden we ernaar toe. Onderweg geniet ik van de uitzichten over de peatvelden. De weg langs het vliegveld van Islay is kaarsrecht en het lijkt net of we in een Amerikaanse film rijden. Voor de overtocht naar Kennacraig had Ad telefonisch gereserveerd. Aangemeld bij de ticketoffice en daar is alles in orde. Alleen, de man van Calmac die de rij controleert wil een kaartje hebben! Ad weer terug naar binnen voor een kaartje, tot grote ergernis van de medewerkster achter het loket en zo gaat Ad van het kastje naar de muur. Door dit getouwtrek gaat Ad de laatste aan boord.

Altijd fijn als ze de motor voor je vastzetten.

Altijd fijn als ze de motor voor je vastzetten.

Vanaf Kennacraig waar het ook prachtig weer is (ja na drie dagen regen aan een stuk waardeer je dat nog meer) rijden we heerlijk relaxed naar Claonaig. Een verlaten en onbemande terminal aan de Sound of Bute.20160816_15262220160816_152752

Een simpele veerboot naar Lochranza op Arran. We blijven bij de motor. Geen koffie…. Op Arran gaan we lekker makkelijk naar de camping bij Lamlash. Daar waren we eerder in 2014 en toen beviel het goed. Langs de A841 rijden we naar Lamlash. Tot mijn grote schrik is een flink stuk net met vers gravel bedekt. Onze snelheid (vooral de mijne) zakt naar 20 km/uur. Ik verlies Ad af en toe uit het oog maar dat is niet erg, de weg gaat maar één kant op en we zijn hier eerder geweest.20160816_200349

The Sea platter II

img_9295

Onze laatste avond op Islay wilde Ad in de enige pub, in het Lochindaal Hotel eten. Dat het een hotel is valt beneden niet op. Het is klein en gezellig en soort van authentiek ingericht. Op zoek naar de wc werd het een stuk minder. Het was er maar één (althans, ik vond er maar één. Best mogelijk dat via kruipdoor en sluipdoor op een ander plaats wel een echt ladies toilet te vinden was) naast de urinoirs en de deur kon ook niet echt op slot. Tja als de nood hoog is dan moet het maar. Eigenlijk vind ik het wel leuk als het niet helemaal gaat zoals het hoort. Of anders is dan je zou verwachten.

Ad wilde de seaplatter om precies te zijn. £30,- zou die kosten maar je moest er wel voor reserveren. Pratende met Tim (zwager van de hotellier) kwam Ad erachter dat het veel duurder was. Tussen de 80 en 100 pond. Ai, dat vinden we veel te duur. Terug bij de pub heeft Ad de reservering geannuleerd. Ik at net zo lief iets van de ‘gewone’ kaart. Ik nam de Curry&rice nog een keer en wauw, zonder patat deze keer. Dat was waarschijnlijk een foutje van de kok die gewend was overal een schep patat bij te leggen…. het smaakt uitstekend

img_9294Achter ons zaten een paar Zwitsers, zij gaan wel voor de seaplatter. We zitten ernaast als ze het zonder veel informatie voorgeschoteld krijgen. En ook als een uurtje later als wij willen afrekenen langs hun tafel lopen en zien we dat ze heel veel heerlijks hadden laten liggen. Ad kan niet aanzien dat ze oa een complete kreeftklauw, onaangetast met het elastiekje er nog om laten liggen. Hij geeft een demonstratie klauw kraken laat zien hoeveel heerlijks daar nog in zat. Idem voor de langoustines die er nog helemaal lagen. In het gesprek blijkt dat het Zwitsers zijn die geen idee hadden hoe je dit soort eten eet. Zij dachten dat het elastiekje betekende dat het niet gegeten moest worden.

Bij het afrekenen hebben we het erover met de man van de bediening. Hij is wat neerbuigend over ‘these people’ die geen idee hebben hoe je schaaldieren eet. Ik vroeg hem waarom ze zo’n dure schotel niet met meer toelichting serveerden? £100, – dan mag je van de bediening verwachten dat ze tekst en uitleg geven over het eten, het gereedschap en zo? Hij blijft erbij zeker te weten dat ze dat niet willen. Ik heb zo mijn twijfels, ik zat er naast en wist dat hij het niet eens geprobeerd had. Jammer.

Cows on the road

School St, even buiten Port Charlotte.

School St, even buiten Port Charlotte.

De volgende morgen doe ik gelijk mijn wandelschoenen aan, rugzak om en verlaat de camping. Zonder koffie, het meisje dat het café exploiteert heeft wel een kaartje in het raam staan dat ze vanaf 9:00 open is, in de praktijk is ze er nooit voor half 10 en voor je een kopje koffie van haar geserveerd krijgt….. Het weer is helemaal fantastisch. Ad heeft andere plannen. Hij wil naar Bruichladdich, Kilchoman en Bunahabhain (de kenner herkent hier drie heerlijke whisky’s). Met de kaart in de hand besluit ik de onderste punt van The Rinns, het westelijk schiereiland van Islay te gaan doen. Het is een pittige afstand, maar er staan weinig wegen op de kaart. Misschien omdat er weinig zijn?

Alsof ze nog nooit een wandelaar gezien hebben....

Alsof ze nog nooit een wandelaar gezien hebben

Alsof ze nog nooit een wandelaar gezien hebben

Grappig, zo fris en uitgerust op de vroege morgen lijkt School St veel mooier dan de dag ervoor toen ik helemaal gaar terug naar de camping sjokte. Heerlijk in gedachten loop ik verder. Ik ben er helemaal aan gewend om alleen te lopen. Ik kijk waar ik naar wil kijken, sta stil waar ik het nodig vind. En vooral: ik ben stil. Niemand die mijn rust met geklets verstoort. De verbaasde blik van de koeien doet me opnieuw vermoeden dat er hier weinig wandelaars zijn. Ik loop verder en geniet van de stilte. Afwisselend in mijn eigen gedachten en genietend van de uitzichten.img_9242

img_9249img_9254Na iets van 7 km kom ik op een naamloze weg, die loopt naar het zuiden. Waarschijnlijk heeft de weg geen naam nodig omdat er maar één weg is? Het wordt steeds warmer. Fleecevest zit allang in mijn rugzak.

Niet mijn beste foto maar de enige waar de stier op stond voor hij een zijpad in gedirigeerd werd.

Niet mijn beste foto maar de enige waar de stier op stond voor hij een zijpad in gedirigeerd werd.

Opeens zie een groep koeien op de weg. Waren het maar koeien, als ik goed kijk zie ik dat er een grote stier voorop loopt. Hmm. Terwijl ik sta te piekeren of ik daar veilig langs kan lopen komt er een klein bestelautootje aanrijden. En voor ik het goed en wel door heb wat er gebeurt, heeft de boer rijdend in de auto met het bewegen van zijn portier de stier een pad in gedirigeerd. Oké!

De koeien weten ff niet waar ze heen willen.

De koeien weten ff niet waar ze heen willen.

Terwijl de stier langzaam en traag verder het pad op sjokt, staan de koeien verbaasd stil op de weg. De boer komt naar me toe en maakt zijn excuses voor de stier-op-de-weg. Hij had ergens een hek open laten staan;
“and the bull went for a wobbling!”
Ook hij vraagt waar ik heen wil en of ik een lift wil.
Nee, ik ben aan het wandelen.
“Waarheen?”
“Nou van Port Charlotte via Kilchiaran naar Port Charlotte.” Ik zie hem mentaal de kaart van Islay bekijken en hij begrijpt mijn plan.
“Ah, a roundabout!”
Later als ik bijna bij de camping ben zie ik hem in zijn bestelautootje weer voorbij rijden.

Een afsteek?

Een afsteek?

20160815_123407bHalverwege de middag kom ik een bord tegen bij een weg die niet op de kaart staat. Nou ja weg, een verhard karrespoor. Bordje erbij met een plaatsnaam die me bekend voorkomt, hij staat op mijn kaart, aan de oostkust van het schiereiland. Een afsteekweg? Doen? Ik heb geen zin in verdwalen maar dit kan niet misgaan. Ik ga ervoor en het blijkt een prachtig weggetje door een stuk bos. Het plaatsje waar ik uitkom, Octofad is zo klein dat ik er geen Horeca vind. Zonder koffie loop ik de A847 terug naar de camping.

 

 

“Are you really walking to the Beach?”

 

20160813_20373720160813_203446Ad kan er geen genoeg van krijgen, hij wil alle belangrijke whiskey producenten langs. Voor mij hoeft het niet meer. Ik ga wat anders doen: wandelen. Echte wandelroutes met bordjes en paaltjes zijn er niet op Islay, volgens de Tourist Info.

Volgens Pocket Walking Guide 24 – Islay, Jura & Colonsay, is er een wandeling op ons stuk van het eiland. Ook deze begint met; 161006“Drive 4 miles west from the junction at Bridgend on the A847, then turn right onto the B8018 (Kilchoman) and continue for a further couple of miles to reach a junction, with a sign pointing left of the cemetry. Keep straight on at this point to reach the car park behind Machier Bay”.

Met de auto naar een wandeling? Ik besluit het allemaal te gaan lopen. Pittige wandeling, precies waar ik voor kwam. Ik geniet van het mooie weer en de uitzichten. Andere wandelaars zie ik niet. Alleen mensen in auto’s. Soms stoppen ze even.

20160814_144450

Haddock Chowder is populair op Islay. Heerlijk!

20160814_114008

De weg vanaf de camping en Port Charlotte

“Are you really walking to the beach? Or do you want a ride?” Duidelijk, wandelen is op Islay niet populair. Onderweg passeer ik distilllery Kilchoman. Goed voor een kop soep in het restaurant.

Uren later op het strand (een slordige 15 km verder)  wordt ik door een ander echtpaar aangesproken.
“Did we see you in Bruichladdich earlier?” als ik het bevestig krijg ik van beiden een ooht en aaht over de afstand die ik afgelegd heb, ongeveer 15 km. Ik ga verder opzoek naar het pad. Net als in Oban gaat de route door een mooi stuk peat land. Heel afgelegen, ruig en modderig. Het kost me veel moeite om de voeten droog te houden. Evengoed is het genieten. Thuis kan ik ook wandelen wat ik wil maar dit soort uitzichten …… hebben we in Zwolle nergens.

20160814_160602

Hier laat ik het strand achter me.

Ook op dit pad veel modderpoelen.

Ook op dit pad veel modderpoelen.

Zo heerlijk weer en ik kook weer bij de tent. Ad heeft ergens heerlijke tortellini’s en een zakje geraspte cheddar gekocht. Dessert: Whisky bij de tent.

Eindelijk droog!

20160813_173509Eindelijk was het eindelijk droog geworden. Yes, de volgende zaterdagmorgen was het nog steeds droog. Het uitzicht werd beter, mooier en we konden veel verder over het water kijken.

Ik kon het haast niet geloven. Na het geweldige ontbijt (te veel en te lekker) gingen we naar de camping aan de overkant, Port Mor. Het arme verzopen tentje werd aan de oever van Lochindaal te drogen gezet. Wij hadden een doel: Bowmore en wel de tour. Het weer gaf aan het rondrijden een heel andere dimensie. Islay is een overrompelend prachtig eiland met heel veel peatlands.

20160813_16514420160813_165129Bowmore is mijn favoriete Islay whisky en de toer was boeiend. Voor het eerst maakte ik een Whisky memorabilia aankoop: een echte Bowmore pet. Door naar Lagavulin: helaas vol voor vandaag En naar Ardbeg: ook vol. Wel konden we in het restaurant een heerlijk soepje scoren, de Haddock Chowder. Laphroaig zit in het zelfde straatje en daar dacht Ad eraan om zijn jaarlijkse pacht voor zijn square foot peatland die hij in bezit heeft en aan Laphroaig ‘verhuurt’. 20160813_201510

Terug op de camping lag de tent plat tegen de grond. Ik vreesde dat de tentstokken gebroken waren …. zo erg was het niet. Deze tent is niet zomaar kapot te krijgen. Door de harde wind waren de stokken verbogen. Er zat niets anders op dan de tent aan de andere kant, in de luwte van de speeltuin opnieuw op te zetten. 20160813_184653 

Eindelijk kon ik weer eens koken bij de tent. Een beproefd menu van gebakken worstjes, tikka massala saus en rijst. Geserveerd met een frisse salade. Dessert: whisky bij de tent.

Eindelijk op Islay.

img_1395

Foto van Ad in 2014. Duidelijk met beter weer.

10:00 vrijdag 12 augustus schepen we in voor Port Ellen, Islay. Vanwege het weer varen we naar Port Askaig. Voor ons doel, Port Charlotte maakt het niet uit. We nemen eea voor kennisgeving aan. Het regent nog steeds. Voorstel van Ad is om meteen een tour te doen bij Coal Ila. Wie weet is het daarna droog? Ik heb er niet zo’n zin in maar ik weet niet meer waarom. Verder rijden door de regen lijkt me ook niks, wie weet is het straks beter. Bij het kleine weggetje naar de moderne distilleerderij weet ik weer waarom ik geen zin had. We zijn hier eerder geweest, op de motor en het is een lange smalle haardspeldbocht steil naar beneden. Veel stukken met gravel en bagger. Tja, dat had ik verdrongen blijkbaar.

Na de leuke en interessante tour regen het nog steeds. Een medewerkster van Coal Ila geeft ons de tip via de Tourist Info van Bowmore een B&B te zoeken. Zo komen we bij Tighachuan Mhor van Margaret en Tim terecht. Een mooi modern huis tegen over de camping waar we eerst heen wilden. Druip nat komen we daar aan. In het halletje doen we de onze motor jassen en zo uit en alles gaat naar het drooghok, een ruimte waar de verwarming, wasmachine en een droogrek staan. Margaret blijkt een schat. In het uurtje dat we nodig hadden om haar huis te vinden had ze verse scones voor ons gebakken. Later kwam echtgenoot Tim thuis en hij bleek ook een whisky fanaat. Een die graag met Ad eindeloos over de ins en outs van whisky en smaken en proeven kon praten. Terwijl er geproefd werd natuurlijk. Volgens Margaret kon hij er uren over doorgaan en ‘bore you to death’. Dat is hem met Ad niet gelukt.

Onze kamer bij Margaret en Tim.

Onze kamer bij Margaret en Tim.

Weer geniet ik van de luxe van mijn extra schoenen, die zijn nog droog. Thuis in Zwolle toen we bepakt en bezakt klaar stonden, heb ik mijn renschoentjes met sokken in een plastic zak erbij gestopt. Zo heerlijk om de natte schoenen te drogen te kunnen zetten en op droge schoenen op zoek te gaan naar avond eten bij het ‘Lochindaal Hotel’ in Port Charlotte.

Het leek wel Quatro Staggione.

Het leek wel Quatro Staggione.

Het eten is over het algemeen heerlijk alleen waar ik steeds meer genoeg van krijg dat alles maar dan ook bijna alles met patat geserveerd wordt. Het lijkt wel of we in België zijn. Ad heeft er minder moeite mee. Ik bestel Curry Rice, lijkt me heerlijk maar ook omdat het een gerecht is zonder patat. Toch? Ad neemt de Scampi&Chips&Salad. Ik ben aangenaam verrast als ik naast rijst en curry ook een salade krijg en stomverbaasd als er ook een flinke portie patat op ligt…..

Dessert: Whisky Port Ellen.

Me? Cowgirl…..

img_6274

De eerste brug, de Twistvlietbrug

Ik heb twee hardloop rondjes. Een langs de Oostkant van het Zwarte Water, over de Westerveldse berg. De andere door Stadshagen en langs de Westoever over de Hasselterdijk terug naar huis. De eerste is 11,3 km en heeft een kleine maar steile helling. De 2e is langer, 13,1 km en helemaal vlak en rechttoe rechtaan langs de Mastenbroeker polder. Voor beide rondjes ren ik twee bruggen over.

Vanmorgen liep ik van het langere rondje in de laatste bocht van de Milligersteeg richting de Ruimzicht weg. In het weiland loopt al weken een groep zwartbonte kalveren. Gisteren zag ik er twee in de sloot, druk etend van het groenere gras.

Vandaag trof ik een zwartbont kalf midden op de weg. Het is daar niet breed, zeg maar smal met aan weerskanten een sloot. Ik stond net 2 sec na te denken toen ik een man-in-overal zag zwaaien.

“Ja, kom maar!” riep hij, en ik wil het kalf passeren.
“Nee, Met Kalf!” roept hij meteen.

Oké, ik klap in mijn handen en de uitbreker begint te sjokken. Tja, daarvoor ga ik ’s morgens niet op pad. Ik gooi er wat kreten uit de tijd dat ik met paard-en-wagen langs de weg reed en jawel, het kalf zet er een sukkeldrafje in. Richting de man in overal. Hij weet het dier langs een hek door de sloot terug naar de rest te sturen….. Man-in-overal blij dat het zo snel geregeld was, hij dacht eerst dat hij naar huis moest voor versterking.
Zo maak je als hardloopster ook nog wat mee.

Hasselterdijk langs het Zwarte Water

Hasselterdijk langs het Zwarte Water

Het Victoria Hotel II

The Victoria Hotel, Tarbert, Kintyre, Schotland

The Victoria Hotel, Tarbert, Kintyre, Schotland.

Het Victoria hotel is niet veel veranderd. De Creditcard machine is nog steeds of alweer kapot. Het hele hotel staalt een ‘vergane glorie’ uit met de nadruk op vergane. Er is geen eenheid in stijl van behang en vloerbedekking. Deuren sluiten slecht. Als we het slot van de trap naar boven controleren gaat hij wel op slot, maar niet meer open. Gelukkig waren we net onderweg naar beneden voor avond eten, want het duurt uren voor iemand het slot weer open krijgt. Wij laten het daarna zo! Ik heb wel wat met dit soort etablissementen. Ad heeft grondig de smoor in over de hoge prijs voor onze niet bijzondere kamer. Bovendien blijkt het een B&B zonder de B van breakfast te zijn. Daarvoor worden we naar de ‘Marine Bistro’ verwezen. Ad meende dat dat gratis zou zijn maar dat had de uitbaatster niet gezegd, alleen maar gesuggereerd…….. voor niks ging de zon op. img_9205Afijn, ik maak er het beste van. De natte slaapzakken leg ik over het derde bed. Mijn schoenen vul ik met handdoeken bij gebrek aan oude kranten. Ik kiep mijn natte tassen leeg over de vloer en leg alles ‘te drogen’.

Vrijdag 12 augustus, het regent. Ad slaapt lekker uit, ik ga naar de ‘Marine Bistro’ die de beste koffie van Tarbert zou schenken. Boven 20160812_074610mijn koffie droom ik weg. Aan de overkant zit een jonge vrouw met een potje thee hetzelfde te doen. Iedereen is stil. Grappig hoe veranderende omstandigheden voor nieuwe inzichten zorgen. Ik heb nu ff gehad met kamperen-op-de-motor-door-Schotland. Op de motor zijn we veel kwetsbaarder voor de regen. Af en toe een buitje is helemaal niet erg. Blijft het regenen dan na verloop van (weinig) tijd alles nat en gaat de lol eraf. In Oban had ik nieuwe wandelsokken gekocht o.a. van merinoswol. Hema verkocht ze vroeger ook. Katoen, als het nat wordt, wordt een koude natte klomp. Wol blijft warm en veerkrachtig. Ad werd er helemaal blij en vrolijk van toen ik zijn vieze natte stinksokken confisqueerde en hem een paar droge sokken teruggaf. “Warme voeten, wat een uitvinding!”

20160812_094849

Dan moet de customer dat wel willen, gezond eten. – Aan boord bij Calmac.

Aan boord komt alles weer goed.

Pech onderweg II

Wachten op de tecnnische hulp

Wachten op de technische hulp.

Vooraan in de rij, nog steeds in de regen, staan we klaar om aan boord te gaan, het wachten is op het groene licht van de Calmac mensen en ik heb mijn motor alvast gestart. Opvallend tevreden en regelmatig staat Suuz te draaien. Even later slaat ze af. WTF? Ik draai de sleutel in het contact om. Niets. Zelfs het contact lichtje gaat niet meer aan. Ad ziet meteen dat het helemaal mis is, zo kunnen we niet mee.

13:00 =G.M.T.*( We verlaten de rij, parkeren aan de kant en ik ga de ANWB bellen. Eerst met mijn mobiel, dan die van Ad. Helaas hebben we in deze uithoek van Schotland geen dekking. Van de Calmac medewerkster mag ik gebruik maken van de telefoon van de ticketoffice. Na eindeloos veel keuze menu’s krijg ik een medewerkster in Den Haag aan de telefoon. Heel veel vragen moet ik beantwoorden. Een aantal malen herhaal ik dat ik met een motor stil sta, niet met een auto. Dat onze mobieltjes het hier niet doen, of ze het nummer van de ticketoffice wil noteren en doorgeven dat dat gebruikt moet worden. “Binnen 2 uur zal er hulp komen” belooft ze. Famous last words…..  ze geeft me nog een ander nummer van de ANWB in Den Haag voor als ik nog vragen heb. Ik ga zitten wachten in de wachtruimte. De verwarming is aan, mijn sokken en schoenen liggen er onder, ik loop op blote voeten door de ticketoffice.

Wachten in de ticketoffice. De automaat had niet alleen koffie maar ook twee smaken soep!

Wachten in de ticketoffice. De automaat had niet alleen koffie maar ook twee smaken soep!

15:15 arriveert de volgende boot en vertrekt. Als de drukte in de ticketoffice voorbij is vraag ik of ik nog een keer mag bellen met Den Haag. Bleek dat de AA (=Britse ANWB) onderweg geweest was. Ze hadden geen gehoor gekregen op onze mobiele nummers. Daarna de ticketoffice gebeld en gevraagd naar een auto met pech? Die stond er niet had een andere Calmac medewerker verteld. Daarna (waarom? Nobody knows) hadden ze een monteur naar de haven op Islay gestuurd en ook daar had hij geen pech geval kunnen vinden. Goh! De medewerkster in Den Haag gaat opnieuw aan de slag.

16:05 belt de AA in de persoon van Anna. Ze spreekt Nederlands alsof ze Nederlandse is, ik denk eerst dat ik de ANWB aan de lijn heb. Ze vraagt naar de postcode van de terminal en zegt dat ze het gaat regelen. Fijn! Duidelijk is dat wij deze dag niet meer naar Islay gaan. Het regent nog steeds. Op Islay hebben we geen reserveringen, we kunnen net zo goed blijven. Ad rijdt naar Tarbert (4 mijl) en reserveert net als 2 jaar geleden in het Victoria Hotel. Ik zit me te vervelen en kijk via de wifi v/d terminal op Facebook. Er komt een reclame post voorbij voor Europahulp v/d ANWB.

“Ga goed voorbereid op vakantie. Dag en nacht hulp bij pech in Europa door de ANWB Alarmcentrale”

Ik kan het niet laten om een reactie te plaatsen met de opmerking dat we al meer dan drie uur wachten. Ook deze ANWB medewerker gaat er met mijn gegevens achteraan.

17:45 gaat de telefoon, ANWB voor ons. Inmiddels kennen ze ons beiden bij naam. Ad heeft uitgebreid overlegd over voor welke boot we wel kunnen reserveren (morgen 10 uur) mag Ad aan de telefoon komen. Het wordt spannend want om 18:00 sluit de receptie van de ticketoffice en zijn we onbereikbaar.
Hulp is nu echt onderweg, binnen 30 min zullen ze er zijn. “Weet je dat zeker?” vraagt Ad ongelovig. Nou binnen 45 min dan.

18:28 rijdt er een witte bestelbus het verlaten terrein op. Eindelijk de beloofde technische hulp. Volgens Ad is de hoofdzekering doorgebrand. De twee mannen gaan met deze theorie aan het werk. Ik doe al mijn natte zooi weer aan terwijl er aan de Suuz gesleuteld wordt. Zoals Ad al vermoedde, de hoofdzekering was doorgebrand. Na vervanging doet Suuz het nog steeds niet, er is nog iets stuk, een connector. Waarschijnlijk nog een origineel onderdeel uit haar bouwjaar 1995. Het wordt tijdelijk gerepareerd en victorie: Suuz start weer. Het is dan 19:00 en ik heb het helemaal gehad. Ad vraagt ze nog hoe laat zij de melding van onze pech gekregen hadden? 17:30 en ze moesten een half uur rijden. Aan hen heeft het niet gelegen.

Het is ruim 7 uur als we, in de regen, eindelijk het terrein af rijden. Doodmoe gaan we naar het Victoria Hotel.

 

*( G.M.T. = Greenwich Mean Time

Pech onderweg I

 

Oban

Oban

Het regent de hele nacht. Alles is nat. Slaapzakken, spijkerbroeken. De tanktas had ik bij aankomst direct in de tent gezet met mijn droge handdoek. Tevergeefs, het is allemaal nat. “Natter kan niet”*) denk ik nog als ik de tent kledder nat oprol en in de tentzak prop. Tesco Oban heeft een goedkope pomp, daar gaan we nog even tanken en koffie drinken voor we doorgaan naar Kennacraig op Kintyre waar Ad voor 13:00 de boot naar Islay geboekt heeft. We tanken, Ad rekent af, weigert zijn bon en dan willen we verder rijden. Suuz start braaf maar uit de BMW komen de meest verschrikkelijke geluiden, hij start niet meer. Ik vrees dat zijn versnellingsbak die al maanden slecht is nu de geest gegeven heeft en voorzie dat we voorlopig in Oban moeten blijven…… Ad denkt dat er door de regen water in de benzinetank gelopen is. Ik vind dat niet voor de hand liggen maar als het over motorische zaken gaat hou ik wijselijk mijn mond. Ad heeft meestal gelijk. Vandaag niet. De medewerkster van de pomp, die de herrie ook gehoord heeft en ziet dat Ad niet meer verder kan rijden heeft de bon uit de papierbak gevist. Het staat er zwart op wit: Ad heeft diesel getankt. Het is zeker onze bon, 2x tanken bij verschillende pompen, 2 en 5. De nummers kloppen. Al wil Ad er niet aan, ontkennen heeft geen zin, hij heeft diesel getankt. We staan op het bedrijven terrein van Oban. Ik geef Ad de sleutels van mijn Suuz en ga lekker voor mijn koffie bij de Tesco. Hij gaat ergens een hevel lenen. Het meisje v/d pomp verteld hem waar hij moet zijn.

Ik scoor mijn koffie. Sandwich erbij, ff verder schrijven in mijn reisdagboek. 25 min later loop ik naar de pomp. De diesel is eruit, er zit nieuwe benzine in en de BMW wil wonder boven wonder weer starten. Het klinkt nog steeds niet heel goed, er komen veel ploffende geluiden uit de uitlaat. Het regent. Helemaal op schema vertrekken we uit Oban. Het is 90 km over een slechte bochtige weg in de stromende regen. Gemiddeld rijden we amper 60 km/uur. Het regent al zo lang dat de stroompjes langs de weg hoog staan, hier en daar is de weg overstroomd. Al snel staat er een laag water in mijn schoenen. Eindelijk rijden we door Tarbert. Langs het knalgele Victoria hotel dat er blijkbaar nog steeds staat. Precies op tijd komen we op de terminal van Kennacraig aan. Helemaal daas rij ik de man van Calmac straal voorbij. Gelukkig stopt Ad wel. De man heeft niet veel motorfietsen op zijn lijstje staan,
“Hofland and Hofland is that you?” en we mogen ons opstellen voor de boot. Kleddernat staan we daar, in de regen. Uit de uitlaat van de BMW komen nog steeds ploffende geluiden. Het motor geluid van Suuz klinkt heel goed, net een spinnende kat. 

Wordt vervolgd.

Calmac Terminal Kennacraig

Calmac Terminal Kennacraig

*)Het kan wel  veel natter. Na een overstroomd stuk staat er een laagje water in mijn schoenen.